Uit onderzoek blijkt dat mensen met bepaalde levensvaardigheden over het algemeen gelukkiger, minder eenzaam en financieel stabieler zijn. Dit onderzoek is in Proceedings of the National Academy of Sciences gepubliceerd.

Onderzoek naar levensvaardigheden

  • Emotionele stabiliteit
  • Vastberadenheid
  • Controle
  • Optimisme
  • Nauwkeurigheid

Dit zijn de 5 belangrijke levensvaardigheden die je perspectief kunnen bieden op een gezond en gelukkig leven. Dat is de conclusie van een nieuw onderzoek onder meer dan 8000 mensen van 52 en ouder.

Het onderzoek, dat in het Verenigd Koninkrijk uitgevoerd werd, legde het verband tussen 5 levensvaardigheden en een betere gezondheid, minder depressie, minder sociale isolatie en een hogere financiële stabiliteit.

“Geen enkele factor was belangrijker dan de andere. Het effect is namelijk afhankelijk van de combinatie van levensvaardigheden,” zegt hoofdonderzoeker Andrew Steptoe van University College London. “Er is onderzoek gedaan naar individuele factoren zoals nauwkeurigheid en optimisme bij volwassenen, maar de combinatie van deze levensvaardigheden is nooit eerder uitvoerig bestudeerd.”

De bevindingen

Uit het onderzoek bleek dat bijna een kwart van de testpersonen met de minste levensvaardigheden depressiesymptomen had. Dit was bij slechts 3 procent van de testpersonen met 4 of meer levensvaardigheden het geval.

Bijna de helft van de testpersonen met de minste levensvaardigheden zeiden ook een sterk gevoel van eenzaamheid te ervaren, terwijl slechts 11 procent van de andere groep erg eenzaam was.

Ook had meer dan een derde van de testpersonen met de minste levensvaardigheden een slechte tot een gemiddelde gezondheid, vergeleken met 6 procent bij de andere groep.

De conclusie

“We waren verbaasd over de economische, sociale, psychologische en biologische voordelen die gerelateerd zijn aan deze levensvaardigheden. Ons onderzoek suggereert dat het stimuleren en onderhouden van deze levensvaardigheden relevant kan zijn voor welzijn en gezondheid op oudere leeftijd,” concludeert Steptoe.

De onderzoekers benadrukken dat de studie niet opgezet was om een causaal verband aan te tonen.