In Nederland hebben meer dan 2 miljoen volwassenen dagelijks pijn. Chronische pijn heeft voor deze patiënten een forse impact op hun dagelijks functioneren, hun welzijn en de directe omgeving. De zorgconsumptie van deze patiënten is hoog en economisch kostbaar. Hoogste tijd om pijn letterlijk en figuurlijk te bestrijden.

Pijn in de acute fase

Pijn begint altijd in de acute fase en is zelfs noodzakelijk: het beschermt ons tegen gevaar en dreigende schade. Maar als deze functie verdwijnt; er geen reactie is op pijnbestrijding en/of de pijn langer dan zes maanden aanhoudt, is sprake van chronische pijn.

Soms wordt een grens van drie maanden aangehouden na een operatie. Chronische pijn is een ziekte op zich met een grote impact op de kwaliteit van leven. Jan-Willem Kallewaard is voorzitter van de sectie pijn- en palliatieve geneeskunde van de NVA (Nederlandse Vereniging voor Anesthesiologie). Hij geeft aan dat de pijnbehandelteams in de NVA-erkende pijncentra zijn gericht op het voorkomen van chroniciteit, het verminderen van pijn en het verbeteren van het dagelijks functioneren.

Een anesthesioloogpijnspecialist heeft een speciale opleiding gehad in het diagnosticeren, evalueren en behandelen van alle soorten pijn en is dan ook een essentiële factor in het pijnbehandelteam. Veel voorkomend Vergeleken met andere chronische aandoeningen komt chronische pijn vaak voor, vaker dan diabetes, coronaire hartziekten en kanker. Chronische pijn vormt dus een groot probleem dat niet altijd goed wordt behandeld.

Vaak wordt het gezien als gevolg van een andere aandoening, waardoor de pijn te weinig aandacht krijgt. Deze groep patiënten gebruikt veel en langdurige zorg. De maatschappelijke en economische kosten worden geschat op jaarlijks 20 miljard euro voor alle chronische pijnpatiënten en 4 miljard euro voor patiënten met pijnklachten gerelateerd aan de wervelkolom.

Zorgstandaard

Kort geleden is de Dutch Pain Alliance opgezet, een samenwerkingsverband van verenigingen, waarmee het hele veld inclusief patiëntenverenigingen is samengekomen. Kallewaard verwacht dat dit de onderlinge samenwerking en daarmee de patiënt ten goede komt.

“De zorgstandaard ‘Chronische Pijn’ is ongeveer het laatste dat de voorganger van de Dutch Pain Alliance heeft opgeleverd. Het doel is tweeledig: pijn nationaal op de agenda zetten en de zorg rondom chronische pijn geïntegreerd maken”, vertelt hij.

Die zorg is nu te versplinterd naar zijn mening. Door goede ketenzorg kan dat aanzienlijk verbeteren. Belangrijk daarbij is dat de pijnspecialist efficiënter en beter kan werken, doordat de aanpak door een multidisciplinair team wordt gedaan.

Onderzoek


Monique Steegers is anesthesioloogpijnspecialist in het Radboudumc. Zij deed onderzoek naar postoperatieve pijn. Uit de resultaten blijkt dat 40 à 60 procent van de mensen ernstige tot matige pijnklachten heeft na een operatie. “Ondanks alle pogingen die we doen om dat te verbeteren, blijft dat percentage hoog”, vertelt ze.

Om de kwaliteit van de acute pijnzorg te verbeteren is het noodzakelijk om pijn te meten. Uit de cijfers blijkt dat de implementatie van het VMS-Veiligheidsprogramma, waarin onder meer het terugdringen van pijn één van de issues is, niet goed heeft gewerkt. Belangrijk is om de pijnscoremetingen te optimaliseren en behandeling vervolgens af te stemmen op de individuele patiënt om daadwerkelijk adequaat te zijn.

“Er zijn veel factoren die meespelen: een slechte uitslag doet de ervaring van pijn geen goed. Dat moet je allemaal meenemen in de manier van behandelen. Er is goede therapie, maar dat moeten we beter afstemmen op de individuele patiënt en situatie.”

Steegers is tevens mede-initiator van het ‘Groot Nationaal Onderzoek’, waarbij wordt bekeken hoe pijngevoelig Nederlanders zijn. Patiënten kunnen thuis een vragenlijst invullen waarin wordt gemeten hoe zij pijn in het dagelijks leven ervaren. Meer informatie: www.dekennisvannu.nl