Psychiater in opleiding Stella de Wit onderzocht hersengebieden die betrokken zijn bij controle over gedachten, gedrag en emotie. Zij keek of deze hersengebieden bij patiënten met een obsessieve-compulsieve stoornis (OCD; ook wel dwangstoornis genoemd) anders functioneren dan bij gezonde mensen. Met behulp van hersenscans zag zij dat de hersenen van mensen met OCD slechter functioneerden, ondanks een hogere hersenactiviteit. De Wit promoveert 19 januari bij VUmc.

Aan het onderzoek van De Wit deden patiënten met een dwangstoornis mee, eerstegraads familieleden van hen en een groep gezonde deelnemers . Door middel van MRI-scans werd de doorbloeding van de hersenen gemeten, waarbij de hoeveelheid zuurstofrijk bloed een maat was voor hersenactiviteit. De MRI-scans werden gemaakt tijdens het uitvoeren van verschillende cognitieve controletaken. Hiermee konden aspecten van de controle over gevoel, gedachten en gedrag worden onderzocht.

Compensatie

De hersenscananalyses suggereren dat de hersenen van OCD-patiënten en hun familieleden minder efficiënt werken dan die van gezonde deelnemers. ”Tijdens het uitvoeren van verschillende taken die betrekking hebben op controle over emotie en gedrag werkten in OCD-patiënten én in niet-aangedane familieleden verschillende hersengebieden harder vergeleken met die van gezonde mensen”, aldus de Wit. De hersenen van OCD-patiënten én van niet-aangedane familieleden moeten als het ware compenseren voor het minder efficiënt functioneren. ”Deze compensatie slaagt bij niet-aangedane familieleden, gezien het feit dat zij de taken net zo goed uitvoerden als de controlegroep. OCD-patiënten, echter, voerden de taken minder goed uit, wat falen van het compensatiemechanisme suggereert”, aldus de Wit.

Hieruit leidt De Wit af dat OCD-patiënten baat hebben bij het versterken van compensatiemechanismen om de controle over emotie en gedrag te vergroten. De Wit: ”Dit zou bijvoorbeeld kunnen met hersenstimulatietechnieken of cognitieve training”.

Bron: VUmc