Sinds dit jaar is de geestelijke gezondheidszorg in Nederland omgevormd naar een nieuw stelsel.

De eerste- en tweedelijns psychologische zorg, zoals we die kenden, bestaat niet meer. Redenen van de invoering van het nieuwe stelsel zijn dat er een beter passende behandeling op de juiste plaats geboden kan worden: behandeling dichtbij huis, minder zwaar en daardoor goedkoper. Vooral dat laatste is één van de redenen van de invoering van het stelsel.
De kosten van ons Nederlandse zorgstelsel stijgen namelijk enorm, zo blijkt uit een rapport van VWS. Het nieuwe stelsel van de Basis GGZ is per 1 januari van dit jaar actief.

Basis GGZ voor lichte psychische- of verslavingsklachten

Wie met lichte psychische- of verslavingsklachten bij de huisarts komt, wordt nu in eerste instantie door diezelfde huisarts geholpen, desgewenst met hulp van een POH (Praktijkondersteuner Huisartsenpraktijk). De huisarts kan de patiënt eventueel verwijzen naar de Generalistische Basis GGZ (GBGGZ), of, als het om zeer complexe gevallen gaat, naar de Gespecialiseerde GGZ (SGGZ). De lichte tot matige -niet complexe- stoornissen worden binnen de Basis GGZ behandeld. De Basis GGZ biedt een aantal behandelmethoden die het gehele behandeltraject omvatten, van intake tot ontslag.

Gespecialiseerde GGZ voor geestelijke gezondheidszorg

Patiënten met complexe(re) zorgvragen, die tot en met vorig jaar onder de tweedelijns psychologische zorg vielen, worden sinds dit jaar behandeld door de Gespecialiseerde GGZ (Specialistische GGZ, SGGZ). Ook daarvoor is een verwijzing van de huisarts nodig. De Gespecialiseerde GGZ vindt plaats in een behandelteam met verschillende soorten hulpverleners en behandelaars, waarbij zoveel mogelijk wordt gestreefd naar ambulante behandeling. Wanneer specialistische zorg niet meer nodig is, wordt de patiënt overgedragen aan de huisarts, die vervolgens zelf verder kan behandelen. Binnen de Basis GGZ wordt nu ook de wat complexere zorg verleend: zo’n 20% van de patiënten die eerder gebruik maakten van wat we eerder tweedelijns zorg noemden, wordt nu binnen de Basis GGZ behandeld. De wijziging leidt onvermijdelijk tot heroriëntatie op het zorgaanbod en vraagt van SSGZ-instellingen dat zij zich omvormen. Centraal staat de vraag of deze instellingen de Basis GGZ gaan aanbieden. Als niet, dan vervalt een deel van het zorgaanbod. Als wel, dan vraagt dit omvorming van het zorgaanbod en de bedrijfsprocessen die daarbij horen. Het toepassen van e-health en werken met partners in de wijk wordt dan een onderdeel van het werk.

Belangrijke rol huisarts

De huisarts vervult een belangrijke rol in het nieuwe stelsel door persoonlijke en laagdrempelige zorg te verlenen. De huisarts herkent en behandelt en verwijst, wanneer dat nodig is, naar de Generalistische Basis GGZ of de Gespecialiseerde GGZ. Om te voorkomen dat de huisarts te snel doorverwijst naar een specialist krijgt hij extra geld, dat flexibel ingezet kan worden voor hulp bij de behandeling van mensen met psychische problemen. Dat kan bijvoorbeeld door een praktijkondersteuner GGZ in te huren, behandelingen via internet aan te bieden, of bijvoorbeeld een psychiater, psychotherapeut, een klinisch- of GZ-psycholoog, een kaderarts GGZ, maatschappelijk werker, of verslavingsarts te consulteren. In 2014 is hiervoor door de overheid 25 miljoen euro beschikbaar gesteld. Daar komt vanaf 2015 nog eens 35 miljoen per jaar bij.