Een team neurowetenschappers onder leiding van Carlos Fitzsimons van de Universiteit van Amsterdam heeft ontdekt dat je het brein kunt beschermen tegen achteruitgang door twee zogenoemde micro-RNA’s, die vrijkomen na een aanval, te blokkeren. Hun werk is verschenen in het tijdschrift Frontiers in Molecular Neuroscience.

Epileptische aanvallen zijn er in allerlei soorten. Zogenaamde convulsieve aanvallen gaan samen met stuiptrekkingen. Van dit type aanvallen is bekend dat ze op termijn je hippocampus beïnvloeden, het hersengebied dat betrokken is bij onder meer je geheugen en ruimtelijk inzicht. Maar niet alle epilepsiepatiënten hebben dit soort aanvallen. Een deel van hen heeft veel mildere aanvallen, zonder stuiptrekkingen. Over het effect van deze milde aanvallen op de hersenen is nog weinig bekend.

Kleine moleculen die celprocessen sturen

Carlos Fitzsimons en zijn team van het UvA Swammerdam Institute for Life Sciences proberen de effecten van zulke milde epileptische aanvallen op het brein op moleculair niveau in kaart te brengen. Dit doen ze in de hoop dat dit ook nieuwe aangrijpingspunten voor medicijnen zal opleveren. De neurowetenschappers richtten zich voor hun huidige onderzoek op twee zogenaamde micro-RNA’s die vaak in de hersenen aanwezig zijn na een epileptische aanval. Micro-RNA’s zijn kleine moleculen die via de beïnvloeding van genen allerlei processen in cellen kunnen sturen.

Gezond brein

Het team ontdekte dat deze twee micro-RNA’s, genaamd miRNA-124 en miRNA-137, meer tot expressie komen na milde epileptische aanvallen en ervoor zorgen dat de hoeveelheid neurale stamcellen slinkt. Deze stamcellen zorgen normaal gesproken voor de aanmaak van nieuwe hersencellen. Zo houden ze je brein gezond. Het slinken van de voorraad neurale stamcellen zal er op termijn toe leiden dat je hippocampus achteruit gaat, en je dus onder meer geheugenproblemen kunt krijgen.

Stamcellen beschermen

De ontdekking van Fitzsimons en zijn team is waardevol, want dit zou betekenen dat je de voorraad neurale stamcellen kunt beschermen door die twee micro-RNA’s onschadelijk te maken. Dat is dan ook precies wat de onderzoekers vervolgens deden. Ze ontwierpen moleculen die heel specifiek aan de twee micro-RNA’s hechten waardoor deze hun functie verliezen. Het blokkeren van deze micro-RNAs bleek inderdaad de neurale stamcellen te beschermen tegen de effecten van de milde epileptische aanvallen.

Dichterbij een medicijn

In potentie hebben Fitzsimons en zijn collega’s hiermee een waardevol nieuw medicijn ontdekt om de hersenen van patiënten met epilepsie te beschermen. Maar voorlopig kan het nog niet voorgeschreven worden. Dat komt vooral door de complexiteit van dit type medicijnen. De techniek van het blokkeren van micro-RNA’s wordt RNA interferentie genoemd. Het is een relatief jonge techniek, die nu zo’n twintig jaar in laboratoria wordt gebruikt. Maar pas onlangs is het eerste medicijn dat gebruik maakt van RNA interferentie goedgekeurd door de Amerikaanse toezichtinstantie voor geneesmiddelen, de FDA. Er zullen nog heel wat stappen nodig zijn om de ontdekking van Fitzsimons om te vormen naar een medicijn dat daadwerkelijk door patiënten kan worden geslikt. Maar het onderzoek laat wel zien dat de techniek van RNA interferentie ook voor epilepsiepatiënten in potentie heel waardevol is.

Bron: UvA