Wat een leuke studentenvakantie had moeten worden, eindigde voor Jaap Bressers in een drama. In 2005 vertrok hij naar Albufeira om als barman te gaan werken. Een onschuldige duik in de Portugese zee werd hem bijna fataal. “Ik hoorde een harde krak en dreef met mijn gezicht richting de bodem.”

Gruwelijk mis

Jaap was een drukke student. “Ik studeerde International Management aan de Universiteit van Tilburg”, vertelt hij. “Hiernaast had ik drie bijbaantjes, was actief bij de studentenvereniging en werkte als assistent van een oud-minister. Ook ging ik twee per jaar naar het buitenland om internationale ervaring op te doen.”

Eén van die bestemmingen was Portugal. Jaap: “Ik reisde naar Albufeira om in een kroeg te werken. Hier ging ik met vrienden naar het strand. Nadat ze waren vertrokken, besloot ik nog even het water in te gaan. De temperatuur was perfect en de golven erg hoog. Toen er eentje mijn kant op kwam, bereidde ik mezelf voor en stond klaar om erin te duiken.”

Maar vanaf dat moment, ging het gruwelijk mis. “Ik dook steil in het water en klapte met mijn hoofd op de zeebodem. Ik hoorde een harde krak en brak mijn nek. Erna kon ik niet meer bewegen en dreef met mijn gezicht naar beneden.”

Nog nooit zo alleen gevoeld

Geen enkele badgast merkte echter iets van het ongeval. “Na twee minuten raakte mijn adem op”, vervolgt Jaap. “En ik begon afscheid te nemen. Ik dacht na over mijn leven en kreeg een overkoepelend gevoel van ontevredenheid. Natuurlijk had ik hard gewerkt en was gezegend met een lieve familie, maar wat liet ik nou na? Een leeg gevoel bekroop me.”

Tot een tweede golf hem omsloeg. Jaap: “Het voelde voor mij alsof ik een nieuwe kans kreeg. Eindelijk kon ik weer ademhalen. Roepen lukte echter niet, omdat mijn stembanden niet functioneerden. Zo werd ik een speelbal van de golven. En uiteindelijk spoelde ik aan.”

“Ik heb me nog nooit zo alleen gevoeld. Er waren meer dan 1000 mensen om me heen, maar niemand had oog voor mij tussen de vakantievreugde. Gelukkig werd ik na een tijdje ontdekt door een hardloper. Hij zag me telkens weer opnieuw aanspoelen, waarbij ik me in vreemde posities begaf. Hij trok me verder het strand op en schakelde hulptroepen in.”

Broeder Carlos

Jaap werd naar het ziekenhuis in Faro gebracht. “Hier werd ik gestabiliseerd”, vertelt Jaap. “Vervolgens werd ik naar Lissabon gereden voor een levensreddende operatie. Ik weet nog dat mijn ouders moesten overkomen om te tekenen voor de risico’s die de ingreep met zich meebracht. De artsen wisten niet of ik het ging redden.”

Gelukkig verliep alles zoals gepland. Jaap: “Mijn vijfde nekwervel was verbrijzeld en werd vervangen door een stuk dijbeen. Daarnaast werd tussen mijn overige nekwervels een plaatje gezet.”

De angst bleef hem echter achtervolgen. “Ik werd vaak ’s nachts wakker, was verward en schreeuwde het uit. Niemand kwam echter bij me kijken, omdat de verplegers dit gewend waren en het ‘normaal gedrag’ was voor duikslachtoffers. En als er al iemand kwam, werd alleen de monitor gecontroleerd.”

Tot broeder Carlos in het ziekenhuis kwam werken. “Deze man heeft mijn leven veranderd”, aldus Jaap. “Hij pakte het heel anders aan. Wanneer ik schreeuwde en van de schrik wakker werd, kwam hij naar me toe en legde zijn hand op mijn schouder. “It’s okay”, zei hij dan. Het was een klein gebaar, maar voor mij deed het zoveel. Ook regelde hij dat het bezoekuur langer kon duren. Ik was hem zo dankbaar.”

Revalidatie

Uiteindelijk werd Jaap naar Nederland overgevlogen. “Ik heb eerst nog 13 dagen in het ziekenhuis in Tilburg gelegen”, vertelt hij. “Vervolgens moest ik 9,5 maanden in een kliniek revalideren. Hier leerde ik met de rolstoel om te gaan en zoveel mogelijk zelfstandig te leven.”

“Op een gegeven moment begon ik er in door te slaan. Ik weet nog dat iemand naar me toe kwam en zei: “Jaap, je bent nu 25. Dit is de mooiste tijd van je leven. Wat wil je ermee doen: door met revalideren of weer van alles genieten?” Dit zette me aan het denken. Ik wilde opnieuw iets van het leven maken.”

‘Carlos-momentjes’

“Ik ben er altijd positief in blijven staan”, vervolgt Jaap. “Nadat ik thuiskwam van het revalidatiecentrum, voelde ik me wel even slecht. Het hoogtepunt van mijn dag was toen het kijken van een serie. Maar gelukkig heeft de steun van mijn naasten me er doorheen geholpen. Ook ben ik constant blijven zoeken naar wat ik nog wel kon, in plaats van in de negatieve spiraal te blijven hangen.”

Eén van die dingen was humor. “Ik maakte altijd spottende opmerkingen over mijn beperking”, aldus Jaap. “Dit deed ik in eerste instantie om mijn omgeving gerust te stellen. Maar toen steeds meer mensen zeiden dat ik er iets mee zou moeten doen, besloot ik te gaan tonpraten met carnaval. Dit is een typetje dat grappen maakt in een op een podium geplaatste ton. Iedereen lachte en na afloop kreeg ik zulke mooie reacties van mensen die zeiden dat ik ze kracht had gegeven. Het was magisch.”

En daar bleef het niet bij. “Uiteindelijk heb ik mijn eigen theatertour gehad en zelfs op Lowlands gestaan”, vertelt Jaap. “Maar op een gegeven moment ging ik nadenken. Is mijn doel humor overbrengen of het meegeven van een bepaalde boodschap?

Hij dacht terug aan zijn tijd in Portugal. Jaap: “Met name broeder Carlos stond me bij. Zijn handeling van het aanraken van mijn schouder en het zeggen van de woorden “It’s okay”, was zo klein. Maar toch had het zo’n groot effect op mij gehad. Ik realiseerde me dat we dit allemaal zouden moeten kunnen. Ook bedacht ik de naam ‘Carlos-momentjes’ om dit soort kleine, waardevolle gebeurtenissen aan te duiden. Ik wilde het begrip gaan verspreiden en mensen laten zien wat er allemaal mogelijk is.”

‘Carlos-momentjes’ in de Dikke van Dale

Inmiddels is Jaap inspirerend spreker en doet zo’n 3 presentaties per week. “Ook heb ik dagelijks nog 3 uur zorg nodig”, vertelt Jaap. “Mijn kantoor is aan huis en mijn oom Cor rijdt me wekelijks het hele land door. Dan praat ik voor allerlei groepen, van schoonmakers tot hoge bazen. Ik wil anderen raken en vermaken. Het is prachtig om te zien hoe mijn verhaal binnenkomt en de mensen het eigen maken.”

“Ik leef het mooiste leven wat ik binnen mijn mogelijkheden kan”, vervolgt Jaap. “Drie jaar geleden heb ik een boek geschreven, ‘Waar een wiel is, is een weg’. Ook ben ik bezig om een ‘30 dagen Carlos momentjes-challenge’ op te zetten. En mijn ultieme doel is om het woord ‘Carlos momentje’ in de Dikke van Dale te krijgen.”

Carlos als getuige

En Carlos zelf? “Na het afronden van mijn boek heb ik contact met hem opgezocht”, aldus Jaap. “Binnen een halfuur had hij een ticket geboekt om hier een speech te komen houden. Na afloop rolde ik naar hem toe. Ik legde mijn hand op zijn schouder en zei ‘’it’s okay’’ tegen hem. De cirkel was toen echt rond. Het was een prachtig moment.”

Twee maanden geleden kwam er nog iets moois bij. “Ik ben getrouwd en op deze dag gebeurde er iets heel bijzonders”, vertelt Jaap. “Mijn vrouw Evelien houdt van dansen, maar dat konden we nooit samen doen. Om haar droom toch waar te maken, had ik in het diepste geheim een tillift geregeld. Ik werd rechtop gezet en eindelijk konden we elkaar eens recht in de ogen aankijken. En dansen, voor de allereerste keer.”

En zijn getuige was wel een heel speciaal iemand. “Carlos”, aldus Jaap. “Na afloop kwam hij naar me toe en zei: “Je zegt altijd wel dat ik jouw leven heb veranderd. Maar heb je ook weleens stilgestaan bij het feit dat óók jij mijn leven hebt veranderd?” We zijn vrienden voor het leven.”

Fotografen: Sander Jurkiewicz (hoofdafbeelding) en Ruben de Wilde.