Brian worstelde gedurende langere tijd met een eetstoornis. Iets wat onschuldig begon met het ietwat meer letten op wat hij at, mondde uit in een allesbeheersende verslaving. Brian: “Ik zag zelf de botten niet, wel het vet en mijn dikke benen. De diagnose loog er niet om. Anorexia nervosa.”

Wat waren je eerste klachten?

“Ik wist al heel vroeg dat ik anders was dan de andere jongens in de klas. Zo speelde ik graag met mijn vriendinnen in de huishoek, de bouwhoek wekte mijn interesse minder. Vanaf groep 4 werd ik structureel gepest, kinderen kunnen keihard zijn naar elkaar. Natuurlijk wist ik zelf ook wel dat ik homo was, maar het erkennen en accepteren ervan heeft tijd nodig. Na de basisschool hoopte ik dat ik opnieuw kon beginnen. Maar op de middelbare school zaten vriendjes van de pesters die ‘hun werk voort zouden zetten’.

Ik stortte mij volledig op school en was een brave leerling. In de tweede klas van de havo begon de puberteit grotere vormen aan de te nemen. In korte tijd kwam ik 5 kg aan en bereikte ik het ‘volgende tiental’ op de weegschaal. Althans, nog een halve kilo en ik was er. Ik besloot wat meer op mijn eetgewoontes te letten. Minder snoepen en misschien wat minder fris deden al wonderen en mijn gewicht liep een beetje terug. Dit voelde goed, nog 1 of 2 kilo zou geen kwaad kunnen en dan had ik wat meer speling…”

Wanneer kreeg je de diagnose?

“Geleidelijk gleed ik onbewust verder af en kwam ik in de dalende vicieuze cirkel van anorexia terecht. Soms kreeg ik wel eens een opmerking dat ik erg slank was, maar niemand legde ooit de link met een eetstoornis. Natuurlijk niet, dat is iets voor meisjes…

De 2e klas haalde ik niet en ik moest blijven zitten of naar VMBO 3, ik koos het laatste. Dit ging mij gemakkelijk af en ook VMBO 4 was een eitje voor me. Ondanks dat mijn hongergevoel verdween kreeg ik last van kleine eetbuien. Pakken koekjes en zakken chips gingen naar binnen, om vervolgens alles er weer uit te gooien.

Tijdens de biologieles kondigde mijn docent aan dat er een meisje in de klas was die iets wilde vertellen. Ze was vaak afwezig. Ik had het in die tijd zo druk met opletten of niemand iets door had en met eten en vooral niet eten dat ik haar nooit had opgemerkt. Ze bleek een eetstoornis te hebben en kon daarom niet naar school. Mijn hart bonsde in mijn keel omdat het net leek of er iemand was die mij begreep. Ik zocht voorzichtig contact met haar en er ontstond een vriendschap. Ik vertelde haar niets over mijn problemen met eten, achteraf had zij dit natuurlijk wel door. We gingen samen hardlopen en daarna een cola light drinken bij de grote gele M (als je al die ‘dikke’ mensen dan die burgers ziet eten doet je dat erg goed… zij hebben geen ruggengraat dacht ik toen). Langzaam aan vertrouwde ik haar en deelde mijn emoties. Ze vertelde over haar herstel bij een kliniek in Leidschendam. Ik was vooral bang dat ze daar als doel hadden om mij weer dik te maken. Ze ging met me mee voor een intake gesprek. De diagnose loog er niet om. Anorexia nervosa.”

Hoe verliep de behandeling, en hoe ben je er uiteindelijk vanaf gekomen?

“Ik kon al snel terecht voor behandeling. Een groepstherapie met 10 meisjes. Op 1 iemand na, hadden de meisjes boulimia of NAO (persoonlijkheidsstoornis) en waren dus niet dun. Een ander meisje had ook anorexia en ik was vooral op haar gefocust, ik was zo dik naast haar. Ikzelf had 2 mannelijke therapeuten. (Te?) lieve mannen. Ik kon zo makkelijk vertellen waarom mijn gestelde doel niet behaald was, ze namen alles voor lief. Ik ben nog ruim 5 kg afgevallen na mijn intake. Na een half jaar kreeg een van hen een nieuwe baan en kwam er een vervangster. Deze zwangere dame prikte zo door me heen en heeft mij de figuurlijke trappen onder m’n kont gegeven. Dit had ik nodig. Ik haatte haar, maar dankzij haar sta ik nu hier.

Naast de twee uur praten, waarin je zelf dan 10 minuten aan het woord bent (heel frustrerend vond ik dat!), was er nog de PMT, psychomotorische therapie. Heel confronterend, dat is het vooral. Ik weet nog goed dat ik voor de spiegel moest staan en zeggen wat ik zag. Ik deed mijn trui uit om mijn lichaam te kunnen zien. Er ging een siddering door de ruimte, maar ik zag geen botten. Ik zag vet en dan vooral hele dikke benen. Dat was gek, want mijn buik was vooral mijn probleemgebied, niet mijn benen. Ik besefte dat de anorexia hier de macht nam. Het beeld in de spiegel was vervormd. Dikke tranen, wat doe ik mijzelf aan?

Op school kreeg ik de kans om een uitwisseling te doen naar Amerika. Dit was een doel dat ik mijzelf stelde, maar dan moest ik wel de nodige kilo’s aankomen. Ik begon weer langzaam aan te eten en het rare is dat ik toen nog meer afviel. Het voelde als onrecht. Nu toon ik positieve wil en val ik nog meer af?! Mijn lichaam liet de reserves die met man en macht werden vast gehouden gaan, maar dat wist ik toen natuurlijk niet. Wekelijks kwam ik geleidelijk over mijn hele lichaam aan. Een moeilijk punt toen ik weer het beruchte tiental aan zag komen. Ik moest doorzetten want ik was nog lang niet op mijn streefgewicht.

Wat was de impact van de anorexia nervosa op je dagelijks leven?

“Het begon allemaal heel onschuldig, het was geen dieet, gewoon wat meer opletten op mijn eten. Uiteindelijk werd het een verslaving wat steeds meer de overhand nam. Mijn sociale leven verdween. Ik raakte vrienden kwijt en de band met mijn ouders kreeg ook een dreun. Mijn moeder is altijd lief geweest en het doet mij nog steeds verdriet als ik hoor dat zij nachten heeft liggen huilen in bed. Dit heb ik haar nooit aan willen doen. Mijn broer en ik hadden vaak ruzie, hij is een echte sportman. Hij begreep er niets van. Dat geeft niets, iemand die geen eetstoornis heeft gehad kan zich niet voorstellen hoe het is.

Het leven werd een grote leugen, dat ging mij steeds gemakkelijker af. Zelfs tegen mijn moeder. Ik zocht op internet naar pro ana sites, documentaires over eetstoornissen, ik verzamelde artikelen en boeken over dit onderwerp en wist precies hoeveel calorieën er in het eten zaten. Alles in het geniep want niemand mocht weten wat er achter mijn glimlach schuil ging. Alleen mijn schriften, waar ik alles in schreef, mochten het weten.”

Hoe staat je kwaliteit van leven er nu voor?

“Goed, heel goed. Ik heb een fulltime baan in het onderwijs. Daarnaast volg ik momenteel nog een opleiding. Ik woon samen met mijn vriend in een mooi huis en we hebben een hele lieve kat. Ik ben gelukkig en denk niet meer na bij alles wat ik eet. Natuurlijk heb ik nog wel mijn onzekerheden maar dit heeft niets te maken met de weegschaal.

Vorig jaar was de ultieme test of ik een terugval zou krijgen of niet. In november 2015 overleed mijn beste vriend aan kanker, 25 jaar jong. Op de dag van zijn crematie werd er thuis bij mij ingebroken. Mijn leven stortte in en ik wist niet meer wat ik moest. Ik at veel minder in die week erna, maar dankzij de liefde van mijn vriend, familie en vrienden zag ik al heel snel in dat, dit niet de bedoeling is. Ik lees nog wel eens mijn eetdagboeken terug en dan schrik ik enorm van hoe weinig ik at terwijl dat toentertijd enorm veel was in mijn beleving.”

Wat wens je met dit verhaal te bereiken?

“Ik hoop dat er misschien iemand is die zich herkent in mijn verhaal en er steun uit haalt. Daarnaast hoop ik bij te kunnen dragen aan het taboe rond eetstoornissen bij jongens en mannen. Het is nu 5.5 jaar geleden dat ik mijn eetstoornis heb overwonnen en ik voel dat ik klaar ben om anderen te helpen. Een wens zou zijn om misschien een boek te schrijven. Ik heb veel te vertellen en bijna alle boeken die ik ken gaan over vrouwen.

Ik denk er ook over na om mijn verhaal te delen in de vorm van workshops of lezingen, om met de mensen in contact te komen. Niet alleen degene met anorexia kampt met de eetstoornis, maar ook hun familie en vrienden. Ik ben klaar voor werk als ervaringsdeskundige. Mijn mailbox staat open…”