Er wordt in de media steeds meer bericht dat kanker over twintig jaar een chronische ziekte zal zijn. Goed nieuws natuurlijk, maar hoe realistisch is het? Internist-oncoloog Hans Gelderblom reageert: “Ik denk dat ik namens veel oncologen spreek als ik zeg dat dit niet waar is. Er zijn natuurlijk al wel mooie stappen gezet, maar vooralsnog krijgen nog steeds meer mensen kanker.”

Doelgerichte medicatie

Kanker is doodsoorzaak nummer 1 in Nederland, elk jaar wordt bij meer dan 100.000 mensen de diagnose gesteld. Gelderblom vindt dat de berichtgeving irrealistische verwachtingen schept bij kankerpatiënten, want momenteel sterft nog ongeveer de helft van de kankerpatiënten. Dat zijn 45.000 mensen per jaar. Innovatieve therapieën verkeren vaak nog in de experimentele fase en daarom is voor grote ‘volksziekten’ als borstkanker, longkanker en prostaatkanker nog maar beperkt reguliere doelgerichte medicatie beschikbaar. “We begrijpen steeds meer van de mutaties die de tumoren aansturen en activeren, de ’driving mutations’. Die activiteiten kunnen geremd worden met doelgerichte medicijnen, we noemen dit targeted therapy. Maar kanker is complexer dan alleen mutaties.”

Steeds betere therapieën

Zo helpt het vaak om een melanoom, een kwaadaardige vorm van huidkanker, te blokkeren met een pil. Maar de tumor kan toch weer ontsnappen. “Dat is nu ons probleem. We blokkeren vervolgens de ontsnappingsroute. Maar dit helpt bijvoorbeeld bij dikke darmkanker maar in vijf procent van de gevallen.” Gelderblom vindt targeted therapy een mooie ontwikkeling, maar vindt ook dat bestaande therapieën steeds beter worden. “Zo is immuuntherapie weer in beeld voor solide tumoren, zoals bij het melanoom, maar ook steeds meer bij andere tumoren.”

Verbetering van de chirurgie

Daarnaast wordt de chirurgie steeds beter. Er wordt steeds minder uitgebreid en agressief geopereerd, maar de verbeterde overlevingskans komt vooral door de medicamenteuze behandeling. Zo is bij borstkanker de overlevingskans verdubbeld. Ook de conventionele radiotherapie wordt steeds beter, vooral doordat het preciezer gegeven kan worden. “Protonentherapie, een nieuwe vorm van radiotherapie, is niet geschikt voor alle soorten kanker, maar wel een duidelijke verbetering bij de behandeling van bepaalde tumoren zoals bij kinderen of bij een tumor in de buurt van het ruggenmerg.”

Shared decision making bij kanker

“Bij zeer zeldzame aandoeningen wordt internationaal in studies samengewerkt om evidence te verzamelen. “Je dient tenslotte ook een maatschappelijk belang. Daarnaast wordt de patiënt steeds mondialer en mondiger. We leven in een tijd van shared decision making. Zo informeren we de patiënt bijvoorbeeld uitgebreid over de mogelijke bijwerkingen, zodat de patiënt zelf een beslissing kan nemen.” De samenwerking met patiëntenorganisaties en aanpalende beroepsgroepen vindt Gelderblom dan ook essentieel voor een klimaat waarin de internist-oncologen optimaal hun werk kunnen doen en waarin het mogelijk is de beste patiëntenzorg te verlenen.

Overlevingskans neemt toe

Nederland presteert bovengemiddeld op het gebied van experimentele en standaardbehandelingen van kanker. De vijfjaarsoverleving na het stellen van de diagnose kanker is de laatste jaren flink toegenomen. Daarnaast komen er ook steeds meer middelen op de markt om te overleven. Gelderblom noemt dit het bewijs dat het ‘huwelijk’ tussen de private farmacie en de niet-private gezondheidszorg werkt. “Recent is er bijvoorbeeld een aantal nieuwe middelen voor borstkanker op de markt gekomen en ook voor prostaatkanker zijn er vier nieuwe middelen verschenen. Daarnaast helpt een betere selectie van dikke darmkanker bij de behandeling daarvan. En kunnen we bij de helft van de longtumoren de ‘driving mutation’ in beeld brengen wat natuurlijk helpt bij de behandeling van longkanker.”

Preventie en vroegdiagnostiek

Het allerbelangrijkste is preventie en vroegdiagnostiek. “Roken veroorzaakt een derde van de kankergevallen, maar ook alcohol, inactiviteit, overgewicht, overmatig zonlicht en kankerverwekkende stoffen uit het milieu zoals asbest. Dit worden vermijdbare oorzaken genoemd. Op het gebied van vroegdiagnostiek wordt bijvoorbeeld steeds meer naar de genetische basis gekeken door middel van familieanamneses, we doen aan borstkankerscreening en landelijk aan de dikke darmscreening. Wat we willen bereiken is kanker in een vroeger stadium vangen en behandelen. Een echte doorbraak zou de genezing van kanker zijn. Helaas kan dat nu, ook met de nieuwste middelen, nog niet.”