In de afgelopen jaren is de aandacht voor voeding en wat wel en niet gezond is flink toegenomen. De ene voedselhype is nog niet voorbij, of de volgende staat al aan de deur te rammelen. Maar wanneer eet je gezond? Gezondheidscoach Ralph Moorman deelt zijn visie.

1. Onbewerkte voeding

Ralph Moorman heeft drie uitgangspunten: “Het belangrijkste is: eet onbewerkt voedsel. Daarna komt: eet gevarieerd. En ten slotte: eet biologisch.” Onbewerkte voeding is alle voeding die geen zware bewerkingen heeft ondergaan en waar geen kunstmatige stoffen aan zijn toegevoegd. Voeding zonder E-nummers dus. Dat eten is ook volgens een recent onderzoek van wetenschappers van Yale University naar allerlei diëten direct te relateren aan “een betere gezondheid en het voorkomen van ziektes”.

Wat is het effect van e-nummers?

Moorman, die is opgeleid tot voedingsmiddelentechnoloog, licht toe: “E-nummers zijn weliswaar goedgekeurde toevoegingen, maar we weten eigenlijk helemaal niet wat ze op de lange termijn doen. Ook lijken een aantal additieven de darmflora negatief te beïnvloeden, een effect dat we al die tijd vergeten zijn in de wetenschappelijke onderzoeken naar e-nummers. Wat mij betreft staat die E daarom voor Experiment met onze gezondheid.”

2. Gevarieerde voeding

Ook gevarieerd eten is belangrijk voor wie gezond wil leven, vindt Moorman. “In elke soort zitten ook slechte stoffen, waarvan je er niet te veel moet binnenkrijgen. Als je varieert, spreid je de risico’s en krijg je bovendien van alle soorten vitaminen en andere belangrijke voedingsstoffen voldoende binnen.” Wat goed werkt voor iemand persoonlijk is een kwestie van uitproberen. “Als je bewuster met voeding omgaat, kom je er vanzelf achter wat voor jou goed werkt.”

3. Biologische voeding

Of biologisch eten ook echt gezonder is, is wetenschappelijk lastig aan te tonen. Maar op basis van gezond verstand zou je het wel kunnen beredeneren, zegt Moorman. “Biologische voeding kent strenge voorwaarden voor het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Als het niet nodig is, hoef ik ze niet in mijn lijf. Daarnaast is het antibioticagebruik in deze branche zeer beperkt, waardoor de kans dat ziekteverwekkende bacteriën er resistent voor worden kleiner is. Daarnaast is onze darmflora ook niet blij met eventuele restanten van antibiotica.”

De ervaring van een toproeier

Toproeier Mitchel Steenman, die zich heeft gekwalificeerd voor de Spelen in Rio, ondervond het effect aan den lijve. Sinds hij in 2011 volledig is overgestapt op biologisch, kan hij voor zijn gevoel beter en langer trainen. “Daarvoor was ik minder belastbaar en als ik over mijn grenzen heenging werd ik sneller ziek.” Na een paar maanden volledig biologisch eten begon hij het verschil te merken. “Ik kon zwaardere trainingen beter aan en herstelde veel sneller”, zegt hij. “Voor mij is het het belangrijkst dat ik nauwelijks nog chemicaliën binnenkrijg. Ik wil als sporter zo min mogelijk stress toebrengen aan mijn lichaam.”