Het is een zwaar onderschat én uiterst kostbaar probleem: psychische problematiek op het werk. Werkgevers kunnen hier een positieve rol in spelen.

Schade voor de economie

Dat dit soort aandoeningen de persoon zelf en zijn omgeving veel verdriet en ongemak berokkenen, laat zich raden. Maar ze veroorzaken ook aanzienlijke economische schade. De OECD (Organisation for Economic Co-Operation and Development) becijferde in 2014 wat ze de Nederlandse economie aan verminderde productiviteit op het werk en de uitgaven aan zorg en sociale zekerheid kosten. Dat bleek 20 miljard euro per jaar te zijn.

Psychische aandoening

Bijna 70 procent van de Nederlanders met een psychische aandoening is – vaak parttime – aan het werk. Er wordt nogal eens gedacht, ook door werkgevers, dat psychische problemen worden veroorzaakt door arbeidsgerelateerde zaken, zoals dreigend ontslag of een vervelende baas. “Maar dat is slechts in 20 procent van de gevallen zo. Bij de overige 80 procent is de psychische aandoening de boosdoener en die moet gewoon netjes worden behandeld”, vindt gepromoveerd psychotherapeut en cognitief gedragstherapeut Maarten Merkx.

Aandoeningen vaak niet opgemerkt

Op het werk worden deze aandoeningen vaak onvoldoende herkend. De medewerker zelf is zich er soms niet van bewust, op kantoor kent men hem of haar als die wat in zichzelf gekeerde collega en de baas staat te veel op afstand. Ook arbo- of bedrijfsartsen onderkennen de symptomen lang niet altijd. Merkx: “Gevolg is dat werknemers onnodig lang rondlopen met problemen en op werk niet optimaal functioneren, terwijl er wel degelijk een effectieve aanpak mogelijk is.”

Over wat een effectieve aanpak is, heeft de wetenschap de afgelopen decennia veel kennis vergaard. Cognitieve gedragstherapie – je angst in de ogen kijken en je negatieve gedachten ter discussie stellen – wordt inmiddels beschouwd als de meest effectieve behandelmethode.
Anders dan vroeger is het tegenwoordig algemeen aanvaard dat lang thuiszitten bij psychische klachten meestal niet verstandig is. Zo snel mogelijk aan het werk is dan ook het devies. “Daar kun je je de nieuwe vaardigheden eigen maken die nodig zijn om je weerstand te vergroten en terugval te voorkomen”, zegt Merkx.

Werk betrekken bij therapie

Onderzoekers van TNO vergeleken in 2012 de resultaten van een reguliere behandeling met cognitieve gedragstherapie en die van een behandeling waarbij het werk intensief in de therapie werd betrokken met elkaar. De verschillen waren groot. De deelnemers van de laatste groep gingen 65 dagen eerder aan het werk dan die van de eerste. De vermindering van de psychische problemen was in beide groepen hetzelfde.

Uitgedrukt in geld zou zo’n aanpak werkgevers een gemiddelde besparing van 7000 euro per persoon opleveren. Zet dat af tegen de 700.000 Nederlanders die voor een psychische aandoening worden behandeld en je komt pakweg op een besparing van 4,9 miljard euro. En dan hebben we het nog niet eens over de winst die het voor de betrokkenen oplevert. Die is tenslotte niet in geld uit te drukken.