In onze samenleving is er steeds meer aandacht voor het belang van genderneutraliteit. Een aandachtspunt waarin de zorg toch net even anders mee om moet worden gegaan. Daar is het juist enorm belangrijk dat er een duidelijk verschil wordt gemaakt tussen mannen en vrouwen.

Gender Agreement

Enkele sleutelfiguren in de zorg tekenden 5 oktober jl. de ‘gender agreement’ tijdens het congres Gender & Gezondheid, waarin zij verklaren dat ze zich actief blijven inzetten voor gendersensitieve gezondheidszorg. Gendersensitieve gezondheidszorg betekent erkenning voor de verschillen tussen mannen en vrouwen in gezondheid en dat deze worden meegenomen in onderzoek, preventie, diagnose en behandeling.

Volgens cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) zijn hart- en vaatziekten wereldwijd doodsoorzaak nummer één. Hoewel hartinfarcten bij mannen vaker voorkomen, overlijden er meer en vaker vrouwen aan beroertes en hartfalen. In het themanummer ‘Gezondheid en gender’ van het Tijdschrift voor Genderstudies wordt hier het volgende over geschreven: “Bij veel artsen en bij het publiek leeft nog steeds de perceptie dat hartziekten vooral mannen treffen. Pas sinds 1991 is er geleidelijk aan meer serieuze aandacht gekomen voor de vrouwelijke hartpatiënt.”

Tijdens het congres kwamen meerdere onderwerpen aan bod, denk bijvoorbeeld aan: hoe wordt de student van nu een gendersensitieve arts, zijn vrouwen vaker ziek en dilemma’s rondom de geïnformeerde patiënt. In dit stuk geven wij antwoord op de vraag of vrouwen vaker ziek zijn en de dilemma’s rondom de geïnformeerde patiënt.

Zijn vrouwen vaker ziek?

De levensfasen van vrouwen zijn en verlopen anders dan die van mannen. Vrouwen worden ongesteld, worden zwanger en komen op een gegeven moment in de overgang. Sommige vrouwen kunnen erg veel last krijgen van hun ongesteldheid en kunnen hierdoor hun werk niet efficiënt uitvoeren. Hoe gaat de werkgever hiermee om? En is ongesteldheidspijn een reden om je ziek te melden? Wat in het seminar duidelijk naar voren kwam, was dat vrouwen vaak niet naar hun lichaam luisteren en de symptomen niet kunnen plaatsen. Zo komt migraine en duizeligheid veel voor in de overgang, maar is dit bij een groot aantal vrouwen nog steeds onbekend.

De geïnformeerde patiënt

Dit congres pleit voor meer bewustwording van de verschillen tussen mannen en vrouwen in de gezondheidszorg, wat uiteraard heel goed is. Wel is het zo dat de patiënt dit bewust en onbewust ook zelf doet. Met de komst van internet en online fora krijgt de patiënt niet alleen veel informatie binnen, maar deelt zelf ook veel over de eigen klachten. Op deze manier delen mensen met dezelfde klachten hun ervaringen en welke stappen ze moeten ondernemen, waardoor de patiënt in onze moderne samenleving verandert in een ‘zelfdokterende’ patiënt.

Met de informatie die patiënten vergaren, gaan zij naar de huisarts. Van tevoren hebben zij dus al een idee wat voor aandoening zij hebben en hoe deze te behandelen valt. Dit kan voor zowel patiënt als medisch specialist voordelen hebben (denk aan de snelle afhandeling en het overslaan van stappen in het zorgproces). Helaas brengt de online wereld voor de geïnformeerde patiënt ook nadelen met zich mee. Patiënten kunnen het gevoel hebben dat zij een ernstige ziekte hebben, maar eigenlijk een kwaaltje hebben. Op het moment dat ze hierin doorslaan terwijl er geen medische oorzaak blijkt te zijn, spreekt men van hypochondrie.

Voor betrouwbare informatie werd tijdens het seminar geadviseerd om informatie te halen van thuisarts.nl, een initiatief van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG), de wetenschappelijke vereniging van huisartsen, en van Zorgkaart Nederland. En met informatie van beide platformen kan de patiënt gerichter naar de huisarts.

Dat er verschillen zijn tussen mannen en vrouwen als het gaat om symptomen voor bepaalde ziektes, is een feit. Dat betekent dat gendersensitiviteit in de gezondheidszorg cruciaal is.