Honger heeft niets te maken met wat je eet, maar met wat je denkt te hebben gegeten. Dit blijkt uit onderzoek van de Sheffield Hallam University. De wetenschappers concludeerden dat een vol gevoel meer verbonden is aan de individuele waarneming van een gerecht, dan aan de daadwerkelijke voedselinname.

De resultaten van de studie zijn recent gepresenteerd op de British Psychological Society’s Division of Health Psychology annual conference.

Verwachtingen belangrijk

Het team van wetenschappers had al eerder onderzoek gedaan naar het verband tussen wat we denken dat we eten en hoeveel we waarschijnlijk zullen consumeren. Hieruit bleek dat de ‘verwachte verzadiging’, ofwel hoe vol je verwacht te zijn na een bepaalde maaltijd, een grote rol speelt bij hoe vol je je daadwerkelijk voelt.

De onderzoekers besloten op de studie voort te bouwen en nader te bekijken in hoeverre onze gedachten ons eetgedrag beïnvloeden. Daarnaast wilden ze kijken of de stof ghreline hier een rol bij speelt, het hormoon dat ervoor zorgt dat je honger krijgt.

2 of 4 eieren?

Aan het onderzoek namen 36 mensen deel. Ze kregen op twee dagen ontbijt geserveerd, waarna hun honger en verzadigingsgevoel gedurende de dag werd gemonitord.

Op de eerste dag werd hen verteld dat ze een omelet bestaande uit 2 eieren zouden eten. Op de tweede dag werd gezegd dat de maaltijd uit 4 eieren bestond. In werkelijkheid bestonden de gerechten uit 3 eieren.

De wetenschappers ontdekten dat wanneer de mensen dachten 2 eieren te hebben gegeten, sneller aangaven opnieuw honger te hebben. Ook aten ze meer met de lunch en hadden een grotere calorie-inname gedurende de dag dan wanneer ze dachten een groter ontbijt te hebben geconsumeerd.

Rol van ghreline

Om vervolgens het ghreline-niveau te meten, zamelden de onderzoekers bloedsamples van de deelnemers in. Ze bekeken hierbij of het hormoon een rol speelde bij de honger die op de twee dagen werd ervaren. Dit bleek niet zo te zijn. Het team trok dan ook de conclusie dat de waarneming van een maaltijd meer invloed heeft op hongergevoelens dan de daadwerkelijke voedselinname.

Geest in plaats van lichaam

De onderzoekers hopen met de studie een manier te vinden waarop het gedrag van mensen op een positieve manier beïnvloed kan worden zonder bemoeienis met hun dagelijks leven. Ze concluderen dat verder onderzoek naar de werking van hongermechanismen zich zou moeten focussen op de geest, in plaats van op het lichaam.