Slaapapneu – ademstilstand tijdens de slaap – is een serieuze aandoening die onder meer kan leiden tot vermoeidheid, concentratieverlies, prikkelbaarheid, hoge bloeddruk, hartkloppingen en depressieve klachten. Van de naar schatting 600.000 mensen in Nederland die lijden aan het obstructief slaapapneu-syndroom (OSAS), worden er maar 160.000 behandeld.

Veel huisartsen herkennen de klachten niet direct of denken aan iets anders. “Hoogste tijd dus voor nieuwe, innovatieve methoden voor diagnose en behandeling”, vindt Piet Heijn van Mechelen, voorzitter van de Nederlandse Apneuvereniging. Onderzoek van de vereniging laat zien dat 37 procent van de slaapapneupatiënten al acht jaar met klachten rondloopt voordat de diagnose gesteld wordt.

Doordat spieren ontspannen en de tong en zachte delen in de keel de ademhaling blokkeren, stopt de ademhaling regelmatig. De patiënten slapen hierdoor slecht, kunnen zich overdag niet goed concentreren en hebben onder andere meer kans op hart- en vaatziekten. Door tijdige ontdekking en behandeling kunnen de meeste gezondheidsproblemen worden voorkomen.

Diagnostiek via de tandarts

Een stap in de goede richting zijn de vragenlijsten voor risicogroepen (mensen met hartkwalen, diabetes of hoge bloeddruk) waarmee een aantal huisartsen al werkt. Ook tandartsen zijn recentelijk ontdekt als diagnostische groep.

Veel Nederlanders bezoeken de tandarts twee keer per jaar en tijdens de controle kunnen tandartsen bekijken of patiënten lichamelijke kenmerken hebben die kunnen wijzen op slaapapneu, zoals een grote tong, een teruggeweken onderkaak of kleine keelopening.

Ook kunnen zij doorvragen naar snurken en eventuele slaapproblemen. Zo kan ook de groep die gewoonlijk niet snel aan bod komt, worden opgespoord. Dit zijn veelal jongeren en vrouwen; bij slaapapneu wordt in eerste instantie vaak gedacht aan oudere mannen met overgewicht.

Groeiend probleem

Een andere belangrijke uitkomst van het onderzoek is dat het aantal patiënten met slaapapneu explosief toeneemt. Ook laten steeds meer mensen zich onderzoeken. In 2016 waren er meer dan honderdduizend aanvragen voor een slaaponderzoek, tienduizend meer dan het jaar daarvoor.

De klinieken kunnen de vraag niet aan en de wachttijden lopen op tot soms wel vier maanden. Twee derde van de mensen met verdenking van slaapapneu, die doorgestuurd worden naar de slaapregistratie, blijkt daadwerkelijk slaapapneu te hebben.

Tandheelkundige slaapgeneeskunde

Professor Dr. Nico de Vries, kno-arts in het OLVG en bijzonder hoogleraar Tandheelkundige Slaapgeneeskunde aan de Faculteit der Tandheelkunde (ACTA) van de Universiteit van Amsterdam, is specialist op het gebied van OSAS. Volgens De Vries neemt het aantal op de individuele patiënt toegesneden behandelmogelijkheden toe. Hij noemt naast CPAP, antisnurkbeugels, positietherapie, diverse soorten operaties en combinatiebehandelingen.

De behandeling van licht tot matig ernstige apneu verloopt steeds vaker via de tandheelkunde, orthodontie of kaakchirurgie. De standaardbehandeling bij matig tot ernstige apneu is continuous positive airway pressure (CPAP), een apparaat dat via een masker lucht onder verhoogde druk de luchtpijp in blaast. Inmiddels zijn er ruim 150.000 CPAP-gebruikers in Nederland en er komen er ieder jaar 25.000 bij.

Het is nog steeds de meest aangewezen behandelmethode bij ernstige apneu, maar het aantal nieuwe behandelingen neemt toe. Zo werd in 2009 het mandibulair repositie-apparaat (MRA) geïntroduceerd, een zachte kunststof beugel die de onderkaak iets naar voren duwt of trekt waardoor de luchtpijp wordt geopend en het snurken of de slaapapneu wordt opgeheven. Dit is een minder ingrijpende oplossing, die meteen een enorm succes werd. Inmiddels worden er ruim 12.000 per jaar voorgeschreven.

Dat succes heeft volgens De Vries niet alleen met de effectiviteit te maken, maar zeker ook met de therapietrouw. “Bij de CPAP dalen de ademhalingstops per uur meer dan bij een MRA, maar als de CPAP maar 50 procent van de tijd wordt gebruikt en de MRA 80 procent, is het uiteindelijk effect van de MRA beter.” Sommige patiënten willen liever niet de rest van hun leven van een hulpmiddel afhankelijk zijn en bij hen kan worden onderzocht of er operatieve oplossingen zijn.

Er zijn de afgelopen jaren vele nieuwe operatietechnieken ontwikkeld.

Nieuwe behandelmethodes

Een innovatieve behandeling die volgens De Vries sterk in opkomst is, is de positietraining. Dat wordt steeds populairder omdat er nu behandelingen voor zijn. Bij lichte tot matige slaapapneu hebben veel patiënten twee keer zo veel last van apneu wanneer ze op hun rug in plaats van op hun zij slapen. Een bekende oplossing in het verleden was de tennisbal die in de pyjama werd genaaid, waardoor de rugligging onmogelijk was.

Dat werkte wel, maar was zo oncomfortabel dat mensen het niet gebruikten. We willen nu eenmaal van de ene op de andere zij kunnen draaien, onder andere vanwege de bloedsomloop. Een alternatief daarvoor is de sleep position trainer, een apparaatje dat een jaar of tien geleden aan de TU Delft is ontwikkeld. Met zachte trillingen wordt de patiënt getraind om niet op de rug te liggen. Piet Luksemburg (70) is een tevreden gebruiker.

“Jarenlang had ik 33 ademhalingstops per uur. Met een CPAP ging dat terug naar tien, maar dat was nog steeds boven de norm van vijf.” Tot hij begin vorig jaar een maand lang het apparaatje mocht uitproberen en hij zijn apneu-index zag teruglopen naar onder de vijf. Inmiddels heeft hij er zelf een aangeschaft. “Afgelopen week zat ik onder de 0,4 en volgens de gegevens die ik kan uitlezen, lig ik nauwelijks meer op mijn rug.”

Pacemaker voor de tong

De Vries: “De nieuwste innovatie is een soort pacemaker voor de tong: een geavanceerd apparaatje dat onder het sleutelbeen wordt geplaatst, met een sensor naar de tong. Iedere keer als de tong tijdens de slaap dreigt weg te zakken wordt de tongzenuw geprikkeld; beweegt de tong naar voren en wordt de luchtweg geopend.”

Het wetenschappelijk bewijs is overtuigend en daarmee is de toelating bijna rond. Een andere ontwikkeling is de kaak-osteotomie, waarbij de kaak wordt doorgezaagd en naar voren wordt gezet. Dit is een ingrijpende operatie die voor een selecte groep patiënten een oplossing kan zijn. Dat gebeurt ongeveer tweehonderd keer per jaar. En last but not least; een van oudste ingrepen, de tracheotomie (een gaatje in de luchtpijp) komt ook weer terug.

Met de komst van de moderne technieken is dat bij zeer ernstige apneu een goede optie geworden. Het wordt nu nog maar enkele tientallen keren per jaar uitgevoerd, maar er is een aantal zeer tevreden gebruikers.

Tandheelkundige slaapgeneeskunde

Eind mei 2016 is Nico de Vries geïnstalleerd, als eerste professor-dokter ter wereld in tandheelkundige slaapgeneeskunde. De Vries gaat onderzoek doen naar de tandheelkundige aspecten van diagnostiek en behandeling van OSAS.

Onderwerpen zijn o.a. de rol van de tandarts bij vroege diagnostiek en behandeling met mondbeugels, alleen en in combinatie met andere therapieën, de voorspellende waarde van slaap-endoscopie (onderzoek om te bepalen op welke plaats in de keel de ademhaling wordt belemmerd), de rol van positietherapie, chirurgie, implantaten en zenuwstimulatie.

Deel dit artikel via:

Facebooktwittergoogle_pluslinkedin