Het vinden van passende dagbesteding en onderwijs voor een jong kind met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking is voor veel ouders een langdurige zoektocht. Zo ook voor Marleen de Vries, de moeder van de 7-jarige Teun. “Ons kind verdient het om zich verder te ontwikkelen in een uitdagende omgeving.”

Ernstige hersenschade

Vijf weken voordat Marleen uitgerekend was, voelde ze plotseling dat er iets mis was. Tot op dat moment waren de echo’s altijd in orde geweest, maar rond half mei merkte de aanstaande moeder dat er geen leven meer was in haar buik. Teun werd met spoed gehaald en moest direct na zijn geboorte worden gereanimeerd. Het kindje bleef in leven, maar al vrij snel kregen Marleen en haar man te horen dat het ernstige hersenschade had opgelopen door zuurstoftekort. “Vanaf dat moment kunnen we ons leven opdelen in een leven vóór en een leven na de geboorte van Teun. Vooral de eerste fase was een enorm gecompliceerde zoektocht in een oerwoud aan regels, zorgopties, nieuwe begrippen en ziekenhuisbezoeken.”

Gericht op ontwikkeling

Nadat bij Teun ook zware epileptische activiteit werd geconstateerd, werden bij een succesvolle operatie zijn hersenhelften gesplitst om aanvallen in de toekomst te voorkomen. De 7-jarige heeft een zware verstandelijke beperking, is halfzijdig verlamd en kan niet goed praten. Toch is Teun een vrolijk, ontwikkelingsgericht kind. Hij functioneert op dit moment op het niveau van een kindje van 20 maanden, maar de stappen die hij maakt zijn dagelijks merkbaar. De jongen laat zich allerminst tegenhouden door zijn beperking en doet volop mee met zijn omgeving; hij geniet zichtbaar van contact met andere kinderen. Dat laatste is ook de reden dat het van vitaal belang is geweest om voor Teun een dagbesteding te vinden waar hij gestimuleerd werd zich te ontwikkelen en waar hij zich kon optrekken aan andere kinderen. Een regulier kinderdagverblijf werkte niet, daar was hij te ‘zwaar’ voor de medewerkers. Daarom is hij na zijn operatie eerst een jaar naar een revalidatiecentrum geweest, waar een team van onder meer orthopedagogen, fysiotherapeuten, ergotherapeuten en revalidatieartsen zich om hem ontfermden.

Ontwikkelingsgroep

Na deze periode zou Teun dan eindelijk opbloeien bij een dagbesteding waar hij in een ontwikkelingsgericht groepje kinderen terecht kwam. “Dat paste als een warme jas, het was prachtig om te zien. Eerst kwam Teun nog in een groepje dat gericht was op zorg, maar al snel werd duidelijk dat hij stappen kon gaan maken.” In deze ontwikkelingsgroep leerde de jongen veel: uit een beker drinken, eten opprikken met een vork, om een beker drinken vragen – hij genoot van zijn omgeving en ging er sociaal-emotioneel en lichamelijk norm op vooruit. “Vanaf dat moment zagen wij te meer dat Teun een ontzettend sociaal en vrolijk kind is dat groepsinteractie nodig heeft.” Dankzij de continue begeleiding op de groep zijn bovendien ook zijn benen sterker geworden, heeft hij veel vordering geboekt met los zitten en kan hij inmiddels stapjes zetten en omrollen.

Onderwijs op maat

Nu is Teun klaar voor de volgende stap, ziet zijn begeleiding en merken ook zijn ouders. Onlangs is hij begonnen op een kleinschalige basisschool voor speciaal onderwijs met een zorgtak voor kinderen met een beperking. “We merken nu al dat hij hier enorm veel plezier heeft en dat we prestatiegericht met hem verder kunnen. Zijn bestaan, dat voor ons en hem zo onzeker begon, verdient de grootste aandacht. We blijven daarom continu op zoek naar uitdaging. Dat verdient Teun.”