Koffie drinken schijnt het risico op een onregelmatige hartslag niet te verhogen, bij patiënten die met hartfalen kampen. Dit blijkt uit een nieuw onderzoek naar 51 patiënten met hartfalen.

“Uit de resultaten blijkt dat patiënten met hartaandoeningen bescheiden doseringen van cafeïne kunnen drinken zonder dat dit risico vorm voor de gezondheid,” aldus hoofdonderzoeker Luis Rohde. Over dranken met cafeïne werd in voorgaande onderzoeken beweerd dat ze risico’s zouden geven op hart-gerelateerde problemen. Een voorbeeld hiervan is hartkloppingen.

Geen veranderingen in de hartslag

Deelnemers werden door de wetenschappers willekeurig ingedeeld in twee groepen. Eén groep kreeg koffie met cafeïne en de andere groep koffie zonder cafeïne. Na een periode van 5 uur voerden deelnemers een fysieke inspanningstest uit. Na een analyse bleek er geen link te zijn tussen cafeïne inname en (onregelmatige) veranderingen in de hartslag op korte termijn.

Alleen kortetermijneffect getest

Volgens de onderzoekers trekken deze resultaten eerdere beweringen over cafeïne inname in twijfel. Hierbij merken ze wel op dat dit onderzoek gericht was op een kleine groep mensen. Hiervan was een deel een reguliere koffiedrinker. Dit kan mogelijk van invloed zijn geweest op de resultaten. Daarnaast is er niet gekeken naar de langetermijneffecten van koffie. Bij hartfalen kan het enerzijds zijn dat de pompkracht van het hart verminderd is. Aan de andere kant kan het zijn dat het hart moeite heeft om zich te vullen met bloed. Problemen hoeven dus niet meteen te ontstaan.

Onderzoek naar andere cafeïne dranken

In de toekomst zou het goed zijn om eveneens te kijken naar andere cafeïne houdende drankjes. Er zijn veel energiedranken die grotere hoeveelheden cafeïne bevatten. De effecten van deze dranken kunnen misschien hele andere uitkomsten geven.
Het uitgangspunt van dit onderzoek is in ieder geval dat koffie geen kwaad kan voor mensen met hartkwalen. “Zelfs voor patiënten in een hogere risicogroep is drinken van bescheiden hoeveelheden veilig,” aldus de onderzoekers.

Bron: JAMA Internal Medicine