Vrouwelijke borstkankerpatiënten met weinig spiermassa hebben minder kans om de ziekte in de tweede en derde stadium te overwinnen. Dat stellen wetenschappers van the University of Alberta.

3.241 vrouwen

Voor hun studie, die onlangs is verschenen in het tijdschrift JAMA Oncology, vergeleken de onderzoekers 3.241 borstkankerpatiënten die waren gediagnosticeerd met borstkanker in de tweede of derde stadium. Dit houdt in dat zij een groeiende vorm van borstkanker hebben die nog niet is uitgezaaid naar andere organen.

Van alle deelnemers werd de spier- en vetmassa gemeten. Uiteindelijk bleek 34 procent van de vrouwen sarcopenie te hebben, ofwel een leeftijdsgerelateerde afname van spiermassa en kracht. De andere deelnemers hadden hier geen last van.

Minder spiermassa, kleinere overlevingskans

Alle vrouwen werden zes jaar lang gevolgd. Uiteindelijk zagen de wetenschappers dat de vrouwen met minder spiermassa een kleinere overlevingskans hadden. Zo liep de groep met sarcopenie 41 procent meer risico om vroegtijdig te overlijden in vergelijking met degenen zonder deze aandoening.

Ook vetweefsel bleek een cruciale rol te spelen. De vrouwen met het hoogste vetpercentage hadden 35 procent meer kans om vroegtijdig te overlijden in vergelijking met degenen met het laagste vetpercentage. En waren zij hiernaast ook nog met sarcopenie gediagnosticeerd, dan liepen zij zelfs 89 procent meer risico.

Gezonde levensstijl essentieel

De wetenschappers veronderstellen dat hoewel er sprake lijkt te zijn van een duidelijk verband, de resultaten ook op een andere manier kunnen worden geïnterpreteerd. Zo lopen vrouwen met een agressieve vorm van kanker sowieso al meer risico om vroegtijdig te overlijden en kan de ziekte op zichzelf hebben geleid tot minder spiermassa. Ook is het waarschijnlijk dat de vrouwen met meer spiermassa er over het algemeen een gezondere levensstijl op na houden, waardoor ook hun overlevingskans toeneemt.

Het team concludeert dat het behoud van een gezond gewicht met adequate spiermassa van groot belang is om de overlevingskans voor elke ziekte, inclusief borstkanker, te verbeteren. Ze adviseren een gezond voedingspatroon, regelmatige beweging en bijzondere aandacht voor krachttraining.