Als jij kampt met de hartritmestoornis boezemfibrilleren of atriumfibrilleren, dan loop je volgens onderzoekers een hoger risico op andere serieuze aandoeningen.
Een onregelmatige hartslag, waar sprake van is bij boezemfibrilleren is gelinkt aan hartaanvallen, hartfalen en chronische nieraandoeningen. Eerder was een verhoogd risico op beroerte al bekend.

Meer risico op hart- en vaatziekten

In de publicatie in British Medical Journal schrijven de onderzoekers dat ze hebben gekeken naar eerdere onderzoeken met daarin ruim 9 miljoen mensen. Hiervan hadden ongeveer 590.000 te kampen met boezemfibrilleren.

Over het algemeen bleken personen met hartritmestoornissen een hoger risico op overlijden te hebben. Met name het risico op congestief hartfalen (CHF) was hoog, 5 keer hoger dan bij mensen zonder hartritmestoornis. Er is sprake van CHF wanneer het hart het bloed niet meer rond kan pompen en de druk in de hartholten en het vaatstelsel toenemen.
Daarnaast liet de analyse zien dat; er twee keer meer risico is op een hartziekte en bijna 2,5 keer meer risico op beroertes.

Oorzaken boezemfibrilleren

Als de boezems (atria) van het hart veel te snel en onregelmatig samentrekken, is er sprake van boezemfibrilleren. Naarmate je ouder wordt komt dit vaker voor. In Nederland heeft meer dan 18% van de 85-plussers er last van. Onder de personen van 60 jaar en ouder komt het bij mannen vaker voor. Daarnaast komt het vaker voor bij mensen met ernstig overgewicht en bij mensen met slaap gerelateerde ademhalingsstoornissen (apneu).

Tijdige diagnose vaststellen

Volgens de onderzoekers zijn de resultaten van belang omdat bij mensen met hartritmestoornissen, veel eerder achterhaalt moet worden of ze niet ook mogelijk kampen met andere hart of vaataandoeningen.

Merk jezelf weleens op dat je hartslag onregelmatig is of ben je ongerust over de hartkloppingen die je hebt, dan zou dit een teken kunnen zijn van boezemfibrilleren. Het is dan ook belangrijk om je hartslag te laten meten als hier sprake van is.

Bron: British Medical Journal