Vijf jaar geleden werd ze plotseling blind, zonder enige voorboden kon ze binnen twee dagen niets meer zien. Mevrouw Supèr (85) woont sindsdien in een zorgcentrum waar ze gespecialiseerd zijn in het begeleiden van blinde en slechtziende ouderen. Hier, in het Drentse Rolde, heeft ze geleerd om opnieuw invulling aan haar leven te geven. Gezien haar vroegere bezigheden zoals het verzamelen van oude kranten en wandelen in de bergen, vergde dit de nodige flexibiliteit. De speciaal opgeleide medewerkers speelden daar echter afgestemd op in. Zij leerden haar opnieuw goed te lopen, zichzelf te wassen en aan te kleden. Want het herwinnen van de zelfredzaamheid en daarmee de eigen gewenste plek in de maatschappij, staan in brede zin hoog in het vaandel.

De wereld zo groot mogelijk maken

Voor elke hindernis wordt hier een oplossing bedacht. Zoals na haar verhuizing van een tijdelijk naar een permanent appartement. Dat was in het begin een ramp, zoals mevrouw Supèr het krachtig uitdrukt: “Het nieuwe appartement was het spiegelbeeld van de vorige, dus ik kon totaal niet uit de voeten.” Een inventieve medewerker maakte daarop een maquette van de nieuwe woonplek. Zo kon mevrouw Supèr voelen waar alles stond en hebben ze samen de ruimte opnieuw ingericht. Die oplossingsgerichtheid is typerend voor de begeleiding: er wordt steeds gezocht naar manieren om de wereld voor deze blinde en slechtziende ouderen zo groot mogelijk te maken.

Bankafschriften weer kunnen lezen

“Het slechte zien kunnen wij niet verhelpen”, vertelt medewerker Harry Loorbach. “Maar we kunnen veel aanreiken waardoor het makkelijker wordt. Mensen die niet of amper meer kunnen zien, staan vaak verbaasd van hun eigen kunnen.” Hij en zijn collega’s worden er dan ook blij van om te zien dat een cliënt zelfstandig de deur uit gaat voor een afspraak. Of wanneer iemand zijn bankafschriften weer kan lezen middels braille of een voorleesscanner. Mevrouw Supèr leest zo weer tal van reisboeken dankzij haar daisyspeler. Terwijl ze daarover vertelt, reikt ze over de tafel en drukt op een knop: ‘het is 11 uur en 34 minuten’, zegt een vrouwenstem. Op diezelfde tafel ligt een stapel briefjes. Daarop schrijft ze wat ze doet en wat ze hoort van anderen, verbeterpunten die ze meeneemt naar de maandelijkse cliëntenraadsvergadering. Elke donderdag schrijft een vrijwilliger deze in het net voor haar over.

Elkaar scherp houden

Breed ontwikkeld als ze is heeft ze behoefte aan gesprekken die ergens over gaan, zegt ze zelf. Daarom is ze door de medewerkers in contact gebracht met een eensgezinde medebewoner. Trouw komt hij nu elke maandagochtend en wisselen ze uit over wat er in de wereld gebeurt. Ze houden elkaar scherp en genieten daar allebei enorm van. In de basis is mevrouw Supèr niet veranderd, haar actiegerichtheid en levensenergie lijken onverminderd aanwezig. De manier waarop ze invulling geeft aan haar leven is veranderd, maar dat lukt goed op deze plek. “Ik heb de afgelopen jaren heel veel geleerd. Dat ik mijn vroegere hobby’s niet meer kan uitvoeren is jammer, maar daar zijn nieuwe voor in de plaats gekomen. En ik voel me zelfstandig, dat is heel wat waard.” Zo heeft de wereld voor deze kranige dame hier weer vorm en kleur gekregen.