Nederlanders worden steeds ouder en dit betekent een verandering binnen de orthopedie. Ouderen zijn niet alleen vitaler en stellen hogere eisen aan behandelingen. Ook het aantal operaties aan het steun- en bewegingsapparaat neemt de komende decennia drastisch toe. De orthopedie bereidt zich hier op voor.

Stijging van het aantal orthopedische aandoeningen

“Het aantal patiënten met een orthopedische aandoening is al behoorlijk gestegen”, vertelt orthopedisch chirurg Jan Verhaar. “En de komende jaren zet deze trend alleen maar door. Onderzoek wijst uit dat in 2040 zo’n vijfentwintig procent van de bevolking ouder is dan vijfenzestig jaar, en de oudere van tegenwoordig is niet meer dezelfde als die van twintig jaar geleden. Men wil zo lang mogelijk zelfstandig blijven én vitaal.”

Orthopedisch chirurg Kees Verheyen stelt deze tendens eveneens vast. “Nederlanders hechten tegenwoordig veel meer waarde aan actief bezig zijn. En de orthopedie gaat hier in mee. Vertelden we deze relatief jonge patiënten vijftien jaar geleden nog vaak ‘nee’, tegenwoordig zijn we eerder geneigd toch de prothese te plaatsen. De cliënt is mondiger geworden. En terecht, want waarom zou je stoppen met het leven zoals je gewend was?” Het verwachtingspatroon van patiënten is veranderd, bevestigt Verhaar.

Verbeteringen binnen de orthopedie

De kennis en technische mogelijkheden binnen de orthopedie zijn de afgelopen jaren, net als de ouderen, met hun tijd meegegaan. Nieuwe operatietechnieken en behandelingsmethoden zorgen er voor dat patiënten minder lang kampen met pijn en eerder het ziekenhuis kunnen verlaten. En de materialen voor prothesen zijn kwalitatief vooruit gegaan.

Een goed voorbeeld van verbeterde revalidatie is fast track surgery, waardoor patiënten door het gebruik van effectieve verdovingsvloeistoffen tijdens de operatie en goede medicatie achteraf, veel sneller naar huis kunnen. “Mits het verantwoord is”, benadrukt de orthopeed. “We sturen patiënten alleen naar huis als ze uitbehandeld zijn.”

Verheyen noemt klinische groepsrevalidatie als stimulator voor een snellere genezing. Patiënten worden op dezelfde dag geopereerd en herstellen gezamenlijk, onder begeleiding van een fysiotherapeut. Tien jaar geleden was het gemiddeld aantal ligdagen bij een kunstheup acht tot negen dagen. Tegenwoordig kan men vaak na drie á vier dagen al naar huis. Deze behandelingsvorm wordt in Nederland breed toegepast en in ruim negentig procent van de gevallen heeft het succes.

Een andere verbetering is een scherpere controle na het plaatsen van de prothese. Niet alleen klinisch kijken naar hoe lang een prothese mee hoort te gaan, zoals voorheen gebeurde. Maar de patiënt actief vragen naar ervaringen en eventuele pijnklachten. Zo ontstaat een realistischer beeld.

Ook de teruggang in slijtage van prothesen speelt een belangrijke rol in het verbeteren van orthopedische behandelingen. Nieuwe soorten plastics, met zogeheten antiverouderingsstofjes, zorgen er voor dat prothesen langer mee gaan

Kraakbeentransplantatie en gentherapie

Beide orthopeden zien toekomst in relatief nieuwe methoden als kraakbeentransplantatie. Een behandeling die nog niet zo lang wordt toegepast en nog in ontwikkeling is, vertelt Verhaar. “Simpel gezegd neemt de orthopeed cellen van de patiënt af, vermenigvuldigt deze en plaatst ze vervolgens terug in het lichaam. Op deze wijze draagt het eigen lichaam bij aan het herstel van afgestorven kraakbeen. Een goede optie voor bijvoorbeeld sporters. Dit zijn veelal jongere mensen (20 tot 40 jaar), die eerder kampen met instabiliteitsletsel en niet snel opgeven. Een effectieve behandeling met langetermijnresultaat is dan essentieel. Het behandelde lichaamsdeel moet tenslotte nog een aantal jaar actief mee.”

Gentherapie is eveneens een veelbelovende behandeling die nog in ontwikkeling is. Verheyen: “Omdat het een zware operatie zou kunnen vervangen door een ingreep van beperkte omvang kan deze manier van behandelen, met name voor oudere patiënten met een brozer gestel, zeer effectief zijn.”