Lisanne (24) lijdt aan een dysthyme stoornis oftewel dysthymie. Deze lichte vorm van depressie is chronisch, daardoor heeft het een zware impact op het leven. Lisanne’s negatieve gedachten en lage eigenwaarde zorgen ervoor dat ze regelmatig moeite heeft met functioneren. Momenteel volgt ze schematherapie om haar patronen te herkennen en te doorbreken.

Wanneer kreeg jij voor het eerst klachten?

“Bij een dysthyme stoornis is het erg moeilijk te bepalen wanneer het precies is begonnen omdat je het kan zien als een sluimerende depressie met slechte en betere periodes. Het is iets dat langzaam ontstaat, als ik terugkijk denk ik dat het bij mij ontstond toen ik rond de 10 jaar oud was. Ik had toen een laag gevoel van eigenwaarde, weinig energie en gevoelens van hopeloosheid. Ik weet nog dat ik toen al erg veel piekerde. Ik was bijvoorbeeld heel onzeker in de sociale omgang, voelde me altijd minderwaardig ten overstaan van een ander en wist niet wat ik daar aan kon doen. Ook dacht ik toen al na over hoe oneerlijk dingen kunnen zijn en trok ik me de ellende in de wereld erg aan.”

Wanneer kreeg je de diagnose dysthymie?

“De diagnose kreeg ik pas veel later. Toen ik ongeveer 14 jaar was kwam ik voor het eerst bij de hulpverlening terecht. Ik trok me erg vaak terug in m’n kamer. Mijn ouders stelden toen voor om er met een psycholoog over te praten. Omdat ik nog erg jong was en mijn klachten zich niet voordeden in een afgebakende periode, was het moeilijk om een depressie vast te stellen.

Als starter op de arbeidsmarkt had ik het erg moeilijk, waardoor de klachten erger werden dan tijdens mijn studententijd. Naar aanleiding hiervan ben ik toen weer in gesprek gegaan met een behandelaar. Met gesprekken kwam ik niet verder, daarom heb ik een groter onderzoek aangevraagd. Pas toen hoorde ik voor het eerst van het bestaan van dysthymie, dit verklaarde voor mij meteen dat het meer was dan ‘gewoon een lichte depressie’. Dit was voor mij een grote opluchting, het voelde als een stukje erkenning. Ik was gewend dat mijn klachten werden toegeschreven aan mijn instelling. Ik was erg verbaasd dat ik nooit eerder van dysthymie had gehoord, aangezien ik altijd al erg veel interesse had in psychologie en een sociale studie heb gevolgd.”

Hoe kenmerken de periodes van somberheid zich?

“Tijdens mijn slechte periodes heb ik erg veel last van sombere gedachten, een gevoel van hopeloosheid en heel weinig energie. Mijn reële geest zegt dat ik meer kan dan ik denk en dat het leven er beter uit kan zien. Echter overheersen de sombere gedachtes en zijn ze niet te stoppen. Alles waar ik dan aan denk bekijk ik negatief, daardoor word ik alleen van normaal nadenken al moe. In zulke periodes kan ik me nergens toe zetten en voelt alles vervelend, dit is vergelijkbaar met een normale depressie. In betere tijden staat die negativiteit zo erg op de achtergrond dat het mijn dagelijks leven niet beïnvloedt. Ik heb dan meer energie, maar naar mijn idee nog steeds niet de positieve energie waarmee de meeste mensen door het leven gaan. Dat ervaar ik maar af en toe voor maximaal een dag.”

Zijn er periodes dat je niet somber bent?

“Normale periodes waarin ik niet somber ben kunnen het grootste gedeelte van een dag duren en ook het grootste gedeelte van een week of een aantal maanden, voornamelijk afhankelijk van de moeite die ik wel of niet heb met het voldoen aan verwachtingen van mezelf en anderen. Ik heb in de goede periodes de energie om de dingen te doen die ik moet of wil doen. Dat merk ik bijvoorbeeld op mijn werk, dan kan ik me concentreren en maak ik geen of weinig ‘domme’ fouten. Ook heb ik tijdens betere periodes geen last van negatieve gedachtes in de sociale omgang en dagelijkse bezigheden gaan niet met tegenzin.”

Wat zijn voor jou belangrijke ontwikkelingen?

“Ontwikkelingen vind ik moeilijk te benoemen omdat dit een stoornis is die ik al van jongs af aan heb. In jaren gezien zijn er, net als in het leven van de meeste mensen, betere en moeilijkere jaren. Sinds twee jaar maak ik gebruik van anti-depressiva, daardoor ervaar ik gelukkig verschil. De slechtere periodes zijn minder slecht dan voorheen, ik kom daar ook sneller weer uit. Wel is het zo dat als ik echt een hele slechte dag heb, er sneller radicale gedachten zoals zelfmoord in me op komen dan voorheen op hele slechte dagen.”

Waar denk je dat de dysthymie vandaan komt?

“De oorzaak van mijn dysthymie is niet makkelijk aan te wijzen. In mijn familie heb ik nergens depressie gezien. Ik heb geen traumatische dingen meegemaakt en toch al op jonge leeftijd heel negatieve gedachten ontwikkeld.
Ik zie een deel van de oorzaak in het verschil tussen hoe mijn ouders in het leven staan en mijn eigen visie op bijvoorbeeld sociale omgang en het nemen van risico´s. Mijn ouders hebben mij beschermd en liefdevol opgevoed, ze hebben mij meegegeven altijd rekening te houden met anderen. Nu heb ik een gebrek aan zelfvertrouwen en weet ik ´in the moment´ niet goed voor mezelf op te komen. Het denken vanuit wat anderen willen en hoe je daar het beste aan kan voldoen, in plaats van na te denken over wat je zelf echt wil, is tot op de dag van vandaag nog iets waar ik echt moeite mee heb. Het levert veel tegenstrijdigheden op en beperkt me om te doen wat ik wil zoals ik dat bij anderen zie.

Ik denk ook dat ik een biologische aanleg heb om dysthymie te ontwikkelen. Wanneer je op jonge leeftijd begint met negatief naar jezelf kijken en je vaak niet lekker in je vel zit, dan ontwikkel je bepaalde gedachte- en gedragspatronen. Deze patronen leveren negatieve resultaten op, zo vorm je een soort neerwaartse spiraal. Dit maakte het voor mij heel erg moeilijk om zo te veranderen dat je in de basis weer positief in het leven kan staan.”

Krijg je momenteel hulp voor de stoornis?

“Gelukkig heb ik nu schematherapie waardoor ik meer inzicht heb gekregen in mijn patronen. Toch merk ik niet een verandering vanuit de therapie. Wat mij het meeste helpt is om met vriendinnen, mijn vriend en soms familie of een collega gewoon te praten over de dingen die ik moeilijk vind, eventjes drama te maken, om er vervolgens om te kunnen lachen en grappen te maken met mijn gezonde dosis zelfspot. Verder is het heel belangrijk dat ik steeds een goede balans vind tussen actief bezig zijn (werken, leuke dingen doen met anderen) en tijd voor mezelf om me lekker terug te trekken en bijvoorbeeld serie te kijken.”