Johanna (57) kampte in haar jonge jaren met extreme vermoeidheidsklachten. Toentertijd was de schildklier minder bekend als probleemveroorzaker. Om die reden kwam Johanna er heel laat achter dat haar schildklier het al een tijdje niet meer deed. Haar hartfunctie was hierdoor dermate verslechterd dat ze meteen moest worden opgenomen in het ziekenhuis. Johanna: “Mijn hartritmemonitor sloeg bijna een rechte lijn uit.”

Vage klachten

“Ik ben in de tijd dat ik klachten kreeg erg vaak naar de huisarts gegaan. Helaas werd het feit dat mijn schildklier niet meer werkte daar niet herkend. Ik werd elke keer weer met een ander verhaal naar huis gestuurd. Het begon allemaal rond mijn 19e met wat vocht dat uit mijn tepels kwam, mijn arts vertelde mij dat het door de pil moest komen. Langzaamaan volgde een heel scala aan vage klachten waarvan de meest opvallende de vermoeidheid was.

Uiteindelijk heb ik 2 jaar na mijn eerste klachten te horen gekregen dat mijn schildklier het al een tijdje niet meer deed. In die twee jaar werd ik geleidelijk aan steeds vermoeider. Ik sleepte mezelf op de automatische piloot door de werkdagen heen en in het weekend stortte ik dan in. Ik lag alleen maar op bed. Aan het eind kon ik helemaal niks meer, vijf minuten fietsen zat er al niet in. Mijn motoriek werd slechter en ik praatte langzaam, heel apathisch. Mijn eetlust nam af en ik had enorm veel haaruitval. Ook kreeg ik myxoedeem (slijmerige vochtophoping van de huid) op verschillende plekken en had ik het altijd koud.”

TSH-waarde

“Op een gegeven moment ging mijn huisarts met vakantie. Zijn invaller heeft mij vanwege een te hoge bloeddruk (waarschijnlijk door de stress) doorgestuurd naar de specialist. De specialist zag meteen dat er iets niet goed was, ik werd vrijwel meteen opgenomen in het ziekenhuis. Mijn hartfunctie was mettertijd dermate slecht geworden dat ik in de gaten gehouden moest worden. Toen ik werd aangesloten op de hartritmemonitor, was mijn hart zo zwak dat hij bijna een rechte lijn uitsloeg.

In het ziekenhuis werd mijn TSH-waarde opgenomen (dit is een procedure bij het controleren van de schildklier). Bij een gezond persoon heeft deze een waarde van 1. De specialist vertelde dat hij in mijn geval gestopt is met tellen. Uiteindelijk bleek dat ik een TSH-waarde van 1100 had. Dat betekende dat de werking van mijn schildklier al een tijdje was gestopt. De specialist was erg verbaasd dat ik überhaupt nog rondliep. In totaal heb ik een maand in het ziekenhuis gelegen en werd ik mondjesmaat ingesteld op een schildklierhormoon. Ik merkte bij de laagste dosis medicatie al meteen dat ik bijvoorbeeld in staat was om zweethandjes te krijgen, dat had ik daarvoor nooit!”

Onbekend terrein

“Ik heb, buiten de gewone klachten die bij ouder worden horen, nergens last van omdat ik goed op de medicatie ben ingesteld. Tuurlijk ben ik moe aan het einde van de dag, maar niet meer dat uitzonderlijke. Het is jammer dat schildklierproblematiek toen zo’n onbekend terrein was, als dat niet zo was hadden ze meteen medicatie kunnen geven en dan had het niet zo lang hoeven duren. Tegenwoordig zijn de artsen veel alerter op de schildklier, door middel van een bloedonderzoek is zo te zien of het in orde is.”

Voor meer informatie over de schildklier kun je terecht bij de Schildklier Organisatie Nederland