In december 2013 onderging Astrid Wessels een schildklieroperatie. Een nodus (knobbel) in de linkerschildklier kon via de robottechniek worden verwijderd. In dit verhaal deelt Astrid haar ervaringen over het leven voor en na de operatie.

Hoe werd de diagnose van de schildkliernodus gesteld?

“Mijn echtgenoot (huisarts) ontdekte de nodus en verwees mij naar de radioloog. Daar werden eerst puncties onder echo verricht. Dit materiaal werd opgestuurd naar de patholoog-anatoom om uit te sluiten of het goed- of kwaadaardig was. De nodus bleek gelukkig goedaardig. Dit werd één keer per jaar gedaan. Tevens werd in het lab gecontroleerd op de schildklierfuncties.”

Welke klachten had u?

“De schildkliernodus voelde ik het meest in de hals als een kleine knobbel. De nodus kon op de keel of slokdarm drukken. Naarmate de nodus groter werd, kwamen er ook meer klachten: benauwdheid (druk op de luchtpijp), hoesten, een schorre stem en slikklachten. De nodus was ook duidelijk te zien in de hals. Door mijn man werd ik doorverwezen naar de endocrinoloog.”

Ging u na de diagnose snel over tot de robotoperatie?

“Na overleg met de endocrinoloog – die vond dat de nodus nog net geen 5 centimeter was – ben ik in december 2013 naar de chirurg verwezen. De goede uitleg van de chirurg heeft mij op de goede weg geholpen. Er hoefde geen ouderwetse schildklieroperatie plaats te vinden (normaal bij een nodus van 8 à 10 centimeter).

De operatie geschiedde via de oksel onder algehele narcose. Het is toch een grote ingreep en het moet precies gebeuren om zo in het gebied van de schildklier te komen. Er lopen nogal wat zenuwen en bloedvaten die niet geraakt mogen worden. Bij mij was de nodus zo ingegroeid dat de linkerschildklier in zijn totaliteit is verwijderd.”

Hoe verliep de operatie?

“Al met al heeft de operatie een uur geduurd. Toen ik uit de narcose bijkwam, voelde ik eerst in mijn hals geen hechtingen. Het kan voorkomen dat het toch niet lukt met de robottechniek; dan gaat het op de klassieke manier. Eigenlijk was ik meer moe van de narcose dan de operatie zelf. In mijn oksel voelde ik 3 à 4 hechtingen, maar dat viel verder niet op. De volgende dag mocht ik naar huis. Er hadden zich geen complicaties van de narcose of bloedingen voorgedaan.”

Wat was de nasleep?

“Na een goede week kwam ik terug op de poli chirurgie. Ik had seromen gekregen, vochtophopingen bij het gebied van de incisie. Tijdens het opereren was er toch wat vocht achtergebleven. Via een punctie haalden ze dat vocht weer weg. Dat is twee keer gebeurd en daarna is het prima gelopen. Verder had ik er geen last meer van. Na drie maanden ben ik nogmaals terug geweest op de poli, als nacontrole. Klachten waren er niet.”

Was de behandeling toen geheel voorbij?

“Nee, daarna keerde ik terug naar de endocrinoloog waarmee ik de schildkliertherapie ging doen. Ik mis immers een schildklier, waardoor de rechterschildklier dat moet opvangen. Meestal vangt die dat te weinig op; in dat geval krijg ik medicatie.

Ik ben nog steeds onder behandeling en dat blijf ik ook. Om de zes maanden wordt de waarde van mijn schildklier bepaald in het laboratorium. Dan hangt het ervan af of de endocrinoloog wat dosering erbij moet doen of eraf moet halen.”

Hoe ziet uw leven er nu uit?

“Het kan weleens zijn dat de schildkliernodus terugkomt. De andere kant houd ik ook angstvallig in de gaten of er op die plek niet een ontstaat. Ik voel weleens kliertjes in de hals waarvan ik me afvraag of dat consequenties heeft. Met één schildklier heb je bovendien veel meer kans op allerlei bijwerkingen. Ik heb het vaak ontzettend koud. Daarnaast zit ik mijn hele leven aan die medicijnen vast.

Verder leef ik zoals ik anders zou leven met dien verstande dat het leven voor de operatie en daarna een totale verbetering is. Ik ben nu klachtenvrij en heb bovendien een mooie hals.”

Wat is jouw ervaring met een schildkliernodus?
Plaats hieronder een reactie!