Caroline van Dijk (52) is slechthorend sinds haar vierde. Het heeft lang geduurd voordat ze ontdekte hoe ze er mee om moest gaan. Nu coacht ze anderen daarbij. Noem slechthorendheid vooral geen aandoening of – nog erger – handicap, vindt ze. Caroline: “Het is een beperking, dat wel, maar het zijn vooral al die andere eigenschappen die jou tot een uniek persoon maken. Die staan voorop, niet die slechthorendheid.”

Wat Caroline betreft: ze heeft altijd leuke en verantwoordelijke banen gehad in de mediawereld, ze heeft nu haar eigen coachings- en mediaproductiebedrijf, ze heeft een gezin, houdt van muziek en van honden. En ze hoort dus veel minder dan de gemiddelde persoon. Vooral links is haar gehoor slecht: een verlies van 88 dB. “Aan dat oor ben ik dus bijna doof.”

Skype

Ze vertelt erover via een Skype-gesprek. Dat kan dankzij de koptelefoon die ze gebruikt. “Ik kan gelukkig wel gewoon telefoneren. Ik doe dan mijn gehoorapparaat uit, dat ik in mijn goede oor draag, om geen last van omgevingsgeluid te hebben. Dat is net iets prettiger.” Ze vertelt dat er veel technische hulpmiddelen zijn voor mensen die niet goed horen. “Neem alleen al whatsapp en sms. Het is een uitkomst dat dat nu bestaat. Maar er is bijvoorbeeld ook een apparaatje dat je om je hals kunt hangen, dat via bluetooth het geluid van je mobiele telefoon, radio of tv naar je gehoorapparaat zendt.

De techniek is niet mijn expertise, maar ik vind dat mensen met gehoorbeperkingen veel te weinig voorlichting krijgen over wat er allemaal mogelijk is.” Zelf heeft ze een andere missie. Ze leert mensen – met en zonder gehoorprobleem – om zelf de regie te nemen. Daardoor gaan ze positiever in het leven staan en bereiken ze meer. Ze put uit eigen ervaring: haar carrière bij de omroep en haar leven met een heel slecht oor.

Regisseursstoel

In een interview met Hoormij Magazine vertelde Caroline onlangs hoe vreselijk ze het vroeger vond om te worden gezien als kind met een handicap. ‘De reacties van mensen, die meewarige blikken, maakten dat ik slechthorendheid ging associëren met zielig zijn’. Hoewel ze probeerde zich er niet door te laten belemmeren, maakte haar slechthorendheid haar toch regelmatig onzeker. “Ik probeerde het onderwerp te mijden op mijn werk en had me ermee verzoend dat ik bepaalde dingen gewoon niet kon doen, zoals een groep mensen toespreken, bang dat er een discussie uit zou volgen waarvan de helft me ontging.

Totdat iemand zei dat ik het juist moest aankaarten. Gewoon zeggen: wacht even jongens, ik hoor niet goed, mag ik daar zitten, even centraal graag, niet door elkaar praten alsjeblieft…, enzovoorts. Of vragen of iemand mijn naam noemt als hij iets tegen mij wil zeggen.” Laat je niet pamperen, is haar motto, en stap in de regisseursstoel. Niet je beperking is bepalend, maar datgene waar je blij van wordt. “Mensen voeren hun slechthorendheid vaak aan als oorzaak dat dingen niet lukken. Ik zeg dan: het is gewoon een communicatieprobleem en daar kun jíj wat aan doen. Zie de ander niet als boze buitenwereld, maar leg uit hoe ze met je moeten omgaan.”

Bron: Stichting Hoormij
Fotografie: Suzan van Hoof