In de jeugdzorg wordt de relatie tussen hulpverlener en jongere vaak onderschat. De nadruk ligt doorgaans op zorgprogramma’s en evidencebased methoden en technieken. In de praktijk blijkt echter dat de rol van de opvoedkundig professional en de match tussen hulpverlener, jongere en gezin tenminste zo belangrijk is voor het uiteindelijke resultaat. Medebepalende factoren voor het succes van de behandeling zijn het onderlinge vertrouwen, het gevoel begrepen, gezien en gehoord te worden en de overtuiging dat het niet draait om het verleden maar om de toekomst.
Arno Lelieveld, verantwoordelijk voor het werk van circa vijfhonderd opvoedkundig professionals, merkt dat jongeren uit de jeugdzorg, wanneer hen gevraagd wordt wat voor hen het verschil heeft gemaakt, de namen noemen van professionals die hen het beste begrepen, gehoord en gezien hebben. Deze professionals wisten met hun kennis, ervaring en techniek weer zelfvertrouwen en motivatie aan te wakkeren.
Welke technieken en programma’s precies werden toegepast, dat weten de jongeren zich niet meer te herinneren. Het is vooral de persoonlijke vertrouwensrelatie die maakte dat problemen werden overwonnen.

Maatwerk

“Er is geen one size fits all”, benadrukt Ron Scholte, bijzonder hoogleraar effectiviteit en professionalisering in de jeugdzorg. “Wereldwijd komen steeds meer experts tot de conclusie dat personalised treatment, waarbij ook de omgeving – gezin, school, werk en het sociale netwerk – wordt betrokken, bepalend is voor de resultaten.” En juist die individuele benadering stelt hoge eisen aan de opvoedkundig professional. Die moet beschikken over voldoende kwaliteiten om niet uitsluitend een zorgprogramma toe te passen maar juist die onderdelen daarvan te kiezen die voor die persoon op dat moment het meest geschikt zijn.

Vertrouwen in opvoedkundig professionals

Dat herkent Lelieveld. “Hierom is het van groot belang dat professionals meer vertrouwen, vrijheid en verantwoordelijkheid krijgen. Daar ligt een belangrijke taak voor zorgorganisaties en voor gemeenten die de zorg inkopen.” Een goede professional focust niet op het probleem. Die onderzoekt wat er nodig is om ervoor te zorgen dat de jongere weer goed kan functioneren in het gezin, op school, op het werk en in zijn sociale netwerk. Een goede samenwerking tussen opvoedkundig professionals, huisartsen, psychiaters en andere hulpverleners is daarbij essentieel.

Vertrouwen in gemeenten

Het huidige inkoopbeleid van veel gemeenten is niet ingericht op deze werkwijze. Het gaat daar nog vooral over zorgprogramma’s en -methoden, gedreven door de behoefte aan beheersing. “Gemeenten krijgen daarmee wat zij vragen, maar dat is niet wat jongeren in gezinnen nodig hebben”, stelt Lelieveld. De oplossing is volgens hem inkopen op basis van vertrouwen, vrijheid en verantwoordelijkheid, met de dialoog als beheersinstrument.

Aandacht, erkenning en waardering

Bijna altijd zijn problemen het gevolg van een, vaak langdurig, gebrek aan aandacht, erkenning en waardering. Maar de jongeren zijn niet per definitie kansarm of kwetsbaar. Ze zijn gekwetst en hen zijn kansen ontnomen. Het is de taak van de samenleving nieuwe kansen te bieden en hen zo de mogelijkheid te geven zelfstandig mee te draaien in de maatschappij.
Die investering is een win-winsituatie voor alle partijen. Zonder goede behandeling is de kans groot dat jongeren zich afzetten tegen de maatschappij. Met een goede behandeling en begeleiding kunnen zij juist een bijdrage leveren aan die maatschappij.