Om alle kinderen de kans te bieden zich optimaal te ontwikkelen, is in Utrecht de kernpartneraanpak in het leven geroepen. Deze houdt in dat alle scholen in het (speciaal) voortgezet onderwijs een team van professionals hebben die zowel de kinderen als scholen ondersteunen. Marenne van Kempen, bestuurder van Lokalis, buurtteam jeugd en gezin, en Ank Jeurissen, directeur Samenwerkingsverband VO Utrecht en Stichtse Vecht, leggen uit.

Wat houdt de kernpartneraanpak precies in?

Jeurissen: “Dit betekent dat we op elke school in de gemeente Utrecht een team hebben dat bestaat uit iemand van het buurtteam Lokalis, een jeugdgezondheidszorgmedewerker, een begeleider passend onderwijs en een leerplichtambtenaar. Samen zorgen zij ervoor dat kinderen en gezinnen goed begeleid worden. Zij ondersteunen daarnaast ook de scholen zodat zij hun eigen ondersteuningsstructuur kunnen versterken en goede interventies voor leerlingen en ouders kunnen doen. Zij leren hen onder meer om problemen voor te zijn, deze klein te houden en ervoor te zorgen dat het in de basis goed gaat met de leerlingen.” Van Kempen: “Er is hierbij speciaal gekozen voor de term kernpartners in plaats van ketenpartners, omdat we willen benadrukken dat we niet na elkaar werken, maar met elkaar. Er is echt sprake van een collectief met eenzelfde visie.”

Wat zijn de voordelen van deze aanpak voor scholen?

Jeurissen: “De infrastructuur die eronder ligt, helpt heel erg om te ontdekken waar binnen scholen verbeteringen mogelijk zijn. Bijvoorbeeld op het gebied van ondersteuning of communicatie met de ouders. Als collectief kan hier veel beter op worden ingespeeld dan in het geval elke partij één voor één zou moeten worden benaderd.” Van Kempen: “De hulp komt als het ware vanuit vier perspectieven. Dit is handig, want er zijn veel kinderen en scholen die tegelijkertijd met alle partijen te maken hebben. Nu de professionals samenwerken en dezelfde opdracht hebben, wordt het voor hen een beter afgestemd geheel. Daarnaast zorgt de aanwezigheid van het kernteam in de scholen ervoor dat de zorg voor jongeren toegankelijker wordt. Het is een logische en makkelijke ingang naar hulp.”

Helpt de kernaanpak ook bij thuiszitters?

Jeurissen: “Jazeker. Op het moment dat er telkens met vier partijen wordt gekeken naar leerlingen die tijdelijk afwezig zijn, kan veel sneller tot een integraal plan worden gekomen. Zo wordt onderzocht welke stappen er moeten worden ondernomen om thuiszitten te voorkomen, en in het geval het toch zo ver komt, kan snel een vervolgstap met de ouders worden gezet. In het kernteam voelen we ons samen verantwoordelijk en streven op alle lagen in de organisatie hetzelfde na, vanaf het moment dat de jongere in beeld is tot het begin van eventuele interventies. Dit heeft ertoe geleid dat we in Utrecht een stabiel laag aantal thuiszitters hebben. En uiteraard spannen we ons in om voor deze groep een aanbod van zorg en onderwijs op maat te bieden om – waar dat mogelijk is – onderwijsdeelname weer op gang te brengen.” Van Kempen: “Doordat er een duidelijke visie ligt op het kernpartnerdenken en een infrastructuur die ervoor zorgt dat we op elk niveau kunnen samenwerken, kunnen we ons goed richten op de inhoud, ofwel de kinderen of het gezin waar het om draait. Daarnaast proberen we altijd te leren van casuïstiek. We kijken zowel met de kernteams als met hun teamleiders naar zaken die zijn opgevallen, dit om ervoor te zorgen dat we volgende kinderen nog beter kunnen ondersteunen. Dit zit heel erg in het klimaat van samenwerken.”

Meer informatie?
www.lokalis.nl
www.sterkvo.nl