Wanneer er sprake is van meerdere beperkingen, zijn de mogelijkheden voor compensatie vaker beperkt. Ergotherapeut Marie-Louise Kamps van Koninklijke Visio behandelt voornamelijk cliënten die door niet-aangeboren hersenletsel (NAH) last hebben van visuele beperkingen. Zij vertelt hoe men strategieën kan toepassen om met meerdere beperkingen om te gaan.

Met welke problemen hebben cliënten met NAH en visuele beperkingen voornamelijk te maken?

“Het is erg lastig om van één algemene cliënt te spreken. Cliënten met NAH en visuele problematiek hebben vaak verschillende beperkingen. Een groep cliënten die veel voorkomt, zijn mensen met een herseninfarct. Zij missen soms de helft van hun gezichtsveld. Zij kunnen ook problemen hebben met hun geheugen of met hun concentratie. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld de ziekte van Parkinson of MS. Deze cliënten hebben vaak een verlaagde contrastgevoeligheid. Ook hebben ze vaak problematiek met mobiliteit, concentratie of geheugen. Doordat zij kampen met meerdere beperkingen tegelijkertijd, hebben ze hier ook meer last van. Zij kunnen namelijk minder goed compenseren voor bepaalde problematiek. Bijvoorbeeld iemand die minder goed kan zien en bijvoorbeeld zijn sleutels zoekt, kan zich herinneren waar ze lagen. Iemand die vergeten is waar de sleutels liggen, kan rondkijken en ze zoeken. Maar als zowel het geheugen als de visus is aangetast, vallen deze compensatiestrategieën weg.”

Welke strategieën kan men toepassen om hier toch mee om te gaan?

“Ook hier kan men niet in z’n algemeenheid zeggen welke behandeling werkt of niet. Dit is erg afhankelijk van de behoeften van de cliënt, en hoe de verschillende beperkingen zich bij de cliënt uiten. Niet iedereen met parkinson ontwikkelt immers problemen met het geheugen. Ook de persoonlijke situaties kunnen sterk verschillen. Een tachtigjarige bewoner van een verzorgingstehuis zal andere wensen hebben dan een veertigjarige ouder. Men moet dan ook denken in maatwerk: wat is een passende strategie voor deze cliënt?”

Aan wat voor strategieën kan men dan denken?

“Enkele strategieën die gebruikt kunnen worden, zijn bijvoorbeeld kijkstrategieën. Dit gaat zeker op voor mensen met een beperkt gezichtsveld. Dan leren de cliënten om heel gestructureerd een situatie te overzien, bijvoorbeeld bij het oversteken van de straat. Voor mensen die slecht contrast kunnen zien, zoals bij parkinson of MS, zijn er manieren om dit contrast te verbeteren. Een krant is vaak gemaakt van grijzig papier, met letters die hier niet optimaal tegen afsteken. Dan is het bijvoorbeeld een oplossing om de krant op een tablet te lezen, aangezien je hier het contrast kan instellen. Je kan dan ook denken aan het gebruiken van speciale verlichting. Ook hier geldt: wat wil de cliënt? Een oudere die weinig gebruikmaakt van elektronica, kan aangeven liever een lamp te gebruiken. Het is altijd maatwerk.”

Welke ontwikkelingen kan men verwachten voor de toekomst?

“De ontwikkelingen zijn de afgelopen jaren ontzettend snel gegaan, zeker op technologisch gebied. Toen ik vijftien jaar geleden voor het eerst begon, hadden we nog cassettebandjes met luisterboeken. Dat ligt inmiddels ver achter ons, we zijn zoveel verder. Ook de behandelmethoden zijn de laatste jaren verder ontwikkeld, zoals het denken in strategieën. Nieuwe technologieën, zoals virtual reality, kunnen een belangrijke aanvulling zijn op de eerdergenoemde kijkstrategieën. Deze technologie is geen vervanging, maar een ondersteuning. En wij doen zelf veel onderzoek. Bij parkinson en MS onderzoeken we welke visuele problemen er voorkomen en welk revalidatietraject hier het beste bij past. De inzichten die dit onderzoek ons geeft, bieden aanknopingspunten om de behandeling voor deze cliënten te verbeteren.”

Meer informatie?
www.visio.org