Steeds meer mensen krijgen glaucoom. De afgelopen tien jaar is het aantal met 30% gestegen. Glaucoom is een ziekte waarbij de oogzenuw wordt aangetast. Dat kan tot blindheid leiden, tenzij de aandoening tijdig wordt herkend. Er zijn verschillende behandelingen mogelijk. Het Landelijk Informatienetwerk Huisartsen schatte in 2011 het aantal Nederlanders met glaucoom op ruim 75.000, maar volgens het Nationaal Kompas Volksgezondheid wijst internationaal bevolkingsonderzoek uit dat het aantal minstens twee maal zo hoog moet liggen.

Dat steeds meer mensen glaucoom hebben, heeft volgens expert dr. Thorsten Stolwijk, die aan het LUMC cum laude promoveerde op glaucoom, enerzijds te maken met de groei van het aantal ouderen. Het is een typische ouderdomsziekte. Maar, zegt hij, glaucoom wordt ook eerder onderkend. “Omdat we inmiddels weten dat er erfelijke factoren in het spel zijn, zeggen we altijd tegen de glaucoompatiënten dat eerstegraads familieleden zich moeten laten checken.”

Oogdruk

Bij de meeste mensen is glaucoom een gevolg van verhoogde druk in de oogbol. Het zogeheten kamerwater binnen in het oog (niet te verwarren met traanvocht) wordt constant ververst en gefilterd. Als dit aan- en afvoersysteem niet helemaal goed werkt, kan de druk binnen te oogbol te hoog worden. Daardoor kan de oogzenuw, die de verbinding vormt tussen het netvlies en de hersenen, beschadigd raken. Hoewel de oogzenuw ook door andere oorzaken kan zijn aangetast, is oogdrukmeting de eerste stap om vast te stellen of iemand glaucoom heeft of zou kunnen krijgen. Als de druk te hoog is, is aanvullend onderzoek nodig.

Schade aan de oogzenuw is onomkeerbaar, maar het proces kan vaak worden gestopt of vertraagd. Tijdige herkenning is dus heel belangrijk. Het probleem met glaucoom is dat je het in het begin meestal niet merkt dat je het hebt. Wat je ene oog niet goed ziet, wordt ingevuld door je andere oog. Daarom is het belangrijk dat mensen die een verhoogd risico lopen, in elk geval regelmatig hun oogdruk laten controleren. Dat kan gewoon bij de opticien met een luchtpufje. Behalve mensen met glaucoom in de familie, adviseren oogartsen daarom ook 50-plussers om elke vijf jaar en 65- plussers elke twee jaar de oogdruk te laten checken. Ook mensen met een ernstige oogafwijking lopen meer risico, maar die komen toch al regelmatig bij de oogarts.

Druppelen

Oogdruk zegt overigens niet alles. Verreweg de meeste mensen hebben een verhoogde oogdruk, maar nog
geen glaucoom. Voor deze groep is de kans circa 10-15% dat ze dat alsnog krijgen. Ook zijn er patiënten met glaucoom zonder dat de oogdruk verhoogd is. Zij zullen vanwege toenemende problemen met het zien, uiteindelijk bij de oogarts belanden. Hoe eerder die erbij is, hoe effectiever de behandeling.

Vaak gebeurt dat met druppels die de oogdruk moeten verlagen. “Meestal werken die goed”, zegt Stolwijk. “Al zijn er ook nadelen, zoals bij jongeren het vooruitzicht om jaren lang te moeten druppelen. Voor ouderen is een druppelflesje vaak moeilijk te hanteren.” Hij heeft goede ervaringen met laseren, dat hij een weinig belastende ingreep noemt, vergelijkbaar met een staarbehandeling, met een duurzaam resultaat. Tenslotte kan de oogboldruk ook operatief worden verlaagd, als zowel druppels als laseren geen uitkomst bieden.