De nare gebeurtenissen uit het verleden van ouders kunnen niet alleen op hun eigen gezondheid lang doorwerken, maar ook op die van hun kinderen. Wetenschappers van de Drexel University ontdekten dat voor elk soort traumatische ervaring kinderen 17% meer risico lopen op astma en 19% op een algehele slechtere gezondheid.

Van deze traumatische jeugdherinneringen ofwel adverse childhood experiences (ACE’s) zijn straatgeweld, alcoholmisbruik van een familielid en huiselijk geweld de meest genoemde gebeurtenissen onder de bestudeerde deelnemers.

ACE’s

Hoofdonderzoeker Félice Lê-Scherban van de Drexel University beschrijft ACE’s als serieuze traumatische jeugdervaringen in de ontwikkelingsjaren (formatieve jaren) van een kind. Van zo’n 350 ouders verzamelde Lê-Scherban gegevens over hun jeugdjaren. Hiervoor vulden ouders een enquête in. Uit de enquêtes kwamen de volgende resultaten :

  • Bijna 42% was als kind getuige van straatgeweld waarbij iemand werd neergeschoten, neergestoken of geslagen
  • 38% leefde in een omgeving waarin een familielid een verslaving had
  • Circa 3% was als kind slachtoffer van fysiek geweld

Naast deze ACE’s werden ook discriminatie en seksueel misbruik vaak genoemd.

Negatieve gezondheidsuitkomsten

Over het algemeen ervoer 85% minstens één ACE. Uit de analyse bleek dat hoe meer ACE’s ouders beleefd hadden, hoe groter de kans dat hun kinderen hier ook door worden geraakt. Volgens Lê-Scherban kwam er nog een opvallend resultaat naar voren. “Voor elke ACE van ouders gold een 16% hogere kans op tv-verslaving bij hun kinderen. Hoewel dit niet direct gezien kan worden als negatieve gezondheidsuitkomst, zou dit het in potentie wel kunnen worden, zodra een tv-verslaving voor inactiviteit zorgt.”

Hiermee doelt Lê-Scherban mogelijk op aandoeningen als obesitas, diabetes en overige hart- en vaatziekten die het gevolg kunnen zijn van inactiviteit.

Intergenerationele effecten van trauma

Wat is volgens de onderzoekers het belang van de studieresultaten? Vooral het ontdekken van de effecten van traumatische ervaringen die verder strekken dan alleen de persoon die het is overkomen. En ondanks dat die effecten nog geen direct bewijs vormen zegt Lê-Scherban dat het wel nodig is om te achterhalen hoe ze beperkt kunnen worden, met in het achterhoofd de toekomstige gezondheid van deze kinderen. Daarnaast zou het niet misstaan om te ontdekken welke factoren kunnen bijdragen om ouders te helpen traumatische ervaringen te boven komen, zodat deze niet hoeven door te werken op hun kinderen.