Veno-occlusive disease (VOD) is een leverziekte die op kan treden na zware chemo- of radiotherapie. De bloedvaten die verantwoordelijk zijn voor het transport van bloed door de lever, raken ontstoken en geblokkeerd. Doordat het bloed niet meer goed kan stromen ontstaat er een zuurstoftekort en als gevolg daarvan schade aan de levercellen. VOD (ook wel: SOS) kan zonder behandeling fataal zijn.

Symptomen en diagnose van VOD

Bij veno-occlusive disease treden diverse symptomen op:

  • Plotselinge zwelling van de lever
  • Vergrote milt
  • Geelzucht
  • Spataderen in de slokdarm
  • Misselijkheid

Deze algemene ziekteverschijnselen duiden niet direct op VOD. Er is bovendien nog geen harde test beschikbaar om de diagnose te stellen. Vaak wordt het ziektebeeld bevestigd door een combinatie van bloedonderzoeken en Doppler ultrasonografie. Soms zijn er invasieve testen nodig om uitsluitsel te geven.

Een van de kenmerken is een verhoogde concentratie van bepaalde leverenzymen in het bloed. Dat is op zich niet ongewoon bij chemotherapie. Hierdoor kan de oncoloog er minder betekenis aan hechten. Het gevaar bestaat dus dat de ziekte optreedt zonder dat alarmbellen gaan rinkelen.
Het aanpassen van de bestralingsdosis is een belangrijke maatregel om VOD te voorkomen. Ook kan het ziektebeeld spontaan overgaan, met maatregelen om de leverfunctie te ondersteunen.

Bij wie komt veno-occlusive disease voor?

Veno-occlusieve ziekte komt vooral voor bij patiënten die veel problemen hebben gehad met de voorbehandeling van hun beenmerg- of stamceltransplantatie. Ook de intensieve chemotherapie die ze daarvoor hebben gehad voor behandeling van de leukemie speelt een rol.