Zowel cliënten en mantelzorgers als zorgprofessionals zijn overwegend positief over de huidige wijkverpleging. Wel signaleren de betrokken zorgprofessionals steeds meer cliënten met complexe zorgvragen en meer overbelaste mantelzorgers. Ook de samenwerking tussen wijkverpleging en gemeenten, sociale wijkteams en de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) is nog een aandachtspunt. Dat blijkt uit onderzoek van het NIVEL.

Langer thuis redden

Cliënten vinden wijkverpleging belangrijk om zich langer zelf thuis te kunnen redden. Zij waarderen het ook dat ze vaak kunnen meebeslissen over de aard en het tijdstip van de zorg. Mantelzorgers zijn ook overwegend positief over de wijkverpleging. Wel geeft bijna een op de vijf aan meer zorg te wensen voor zijn naaste. Afstemming met de wijkverpleging vindt volgens slechts de helft van de mantelzorgers plaats. Verpleegkundigen en verzorgenden die wijkverpleging geven zijn positief over hun werk, bijvoorbeeld over de samenwerking met huisartsen. Wel ervaren zij meer werkdruk door de toename van het aantal kwetsbare cliënten met complexe zorgvragen.

Afstemming en toegang kunnen vaak beter

De afstemming van de wijkverpleging met andere partners, zoals gemeenten, sociale wijkteams en GGZ-professionals, kan vaak beter. Dit is een voorwaarde om goed afgestemde, integrale zorg in wijken te kunnen verlenen. Verder geven de betrokken verpleegkundigen en verzorgenden aan dat de meeste zorgvragers hen goed weten te vinden. Voor bijvoorbeeld mensen met psychiatrische problemen of mensen met een migratie-achtergrond is goede toegang naar wijkverpleging niet vanzelfsprekend.

Waarom dit onderzoek naar wijkverpleging?

Sinds begin 2015 mogen wijkverpleegkundigen weer zelf indiceren. Ook moeten zij meer aandacht hebben voor zelfredzaamheid van cliënten en voor inzet van mantelzorgers. Daarnaast moet er meer samenwerking zijn tussen de wijkverpleging en andere professionals in de wijk. Deze veranderingen zijn onderdeel van de Hervorming Langdurige Zorg. Dit onderzoek laat zien wat de ervaringen hiermee zijn.

Voor dit onderzoek vulden bijna 1.500 cliënten van thuiszorgorganisaties en ruim 1.000 mantelzorgers vragenlijsten in. Daarnaast vulden 569 verpleegkundigen en verzorgenden die werken in de wijkverpleging een vragenlijst in en werden drie focusgroepen gehouden.

Bron: NIVEL.