Nieuw onderzoek suggereert dat mensen die vroeger opstaan en eerder naar bed gaan, gezonder leven dan nachtbrakers. Finse wetenschappers kwamen tot deze conclusie bij een observatie naar de relatie tussen slaappatronen en eetgewoontes. Het resultaat: een hoger risico op obesitas bij nachtbrakers.

“We ondervonden dat avondmensen hun voedselinname uitstelden, en kozen voor een eetpatroon met een hoger suiker- en vetgehalte,” volgens onderzoekster Mirkka Maukonen van de National Institute for Health and Welfare.

De resultaten

Voor het onderzoek werd gebruikgemaakt van de data van bijna 1900 Finse volwassenen tussen de 25 en 74 jaar, die in 2007 aan een onderzoek naar voeding en hartziektes hebben meegedaan. Bij het voedingsonderzoek moesten de testpersonen twee dagen lang een dagboek bijhouden waarin ze hun dagelijkse calorie-inname, voedingswaarden en alcoholconsumptie vastlegden. Hierbij werd er ook een onderscheid gemaakt tussen week- en weekendgedrag.

Het andere onderzoek focuste op slaappatronen. Hierbij werd er bijgehouden hoe laat de testpersonen naar bed gingen en wakker werden, op welk dagdeel ze werkten en of ze zware lichamelijke inspanningen verrichtten. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat bijna de helft van de testpersonen vroege vogels waren, en slechts 12 procent nachtbrakers. De rest viel ergens tussen de twee groepen in.

De totale dagelijkse calorie-inname was nagenoeg gelijk voor ochtend- en avondmensen, maar de nachtbrakers consumeerden 4 procent minder voor 10 uur ’s ochtends. En dit patroon zette zich voort tot de middag, waardoor ze logischerwijs minder energie hadden rond die tijd.

“Het zou kunnen dat deze gewoonte om ’s ochtends lichter te eten invloed heeft op de eetlust in de namiddag en avond, waardoor er sneller ongezondere keuzes worden gemaakt met meer suiker en vet”, aldus Maukonen.

Verschillen in eetgewoontes

Avondmensen waren namelijk geneigd om overdag minder koolhydraten, eiwitten en vetten te consumeren, maar meer suiker. Voornamelijk in de ochtend en na 8 uur ’s avonds was er een significant verschil te zien. Ook werd er in de avond- en nachturen meer vet voedsel gegeten door de nachtbrakers. En in de weekenden was de kloof tussen de twee groepen nog groter.

De onderzoekers ontdekten ook dat avondmensen minder vaak aan lichaamsinspanning deden, meer slaapproblemen hadden, en vaker rookten. Hierdoor was er onder deze testpersonen meer ontevredenheid over hun lichaamsgewicht en algehele gezondheid.

Dit betekent niet dat nachtbrakers gedoemd zijn tot een leven met obesitas. Er werd alleen een hoger risico vastgesteld, geen causaal verband. Toch kan het volgens Maukonen geen kwaad om je slaapschema aan te passen.

“Het hangt sterk van je genen en je dagelijkse gang van zaken af of je een ochtend- of avondmens bent. Daarom kan het voor avondmensen een groot voordeel zijn om flexibele werktijden te hebben, zodat ze volgens hun interne biologische klok kunnen leven in plaats van ertegenin.”

Eerder onderzoek naar slaappatronen en eetgewoontes

Diëtiste Lona Sandon van de University of Texas Southwestern Medical Center was niet verbaasd over de bevindingen. Volgens haar spelen psychologische en biologische factoren een grote rol. “Eerder onderzoek bewees dat hormonen die impact hebben op de eetlust en de stofwisseling, op verschillende niveaus geproduceerd worden gedurende de dag en nacht.”

De productie van deze hormonen wordt beïnvloed door de kwaliteit en kwantiteit van de slaap, waardoor er een relatie is tussen slaappatronen en eetgewoontes. Het veranderen van het slaappatroon kan dus een positief resultaat hebben op het lichaamsgewicht.

Bron: Obesity