De diagnose kanker is een hard gelag voor wie het overkomt. Werkgevers denken (nog te) vaak dat iemand met kanker niet meer terugkeert in het arbeidsproces. Ten onrechte, want kanker wordt meer en meer een chronische ziekte.

De drempel om weer aan het werk te gaan

Laurence Maes is manager belangenbehartiging bij Levenmetkanker en gespecialiseerd in kanker en arbeid. Over re-integratie vertelt ze: “Omdat de diagnose zo ingrijpend is, horen we heel vaak van werknemers terug dat werk al heel snel naar de achtergrond verdwijnt. Op zich is dat een logische reactie als je te horen krijgt dat je kanker hebt. Opvallend is dat werkgevers en zelfs bedrijfsartsen daar ook in meegaan en stimuleren dat er afstand genomen wordt. Hierdoor wordt er weinig ondernomen om aan het werk te blijven. Bij kanker duren de behandelingen meestal lang – één tot anderhalf jaar – en als mensen dan moeten terugkeren op de werkvloer, wordt daar een enorme drempel ervaren.”

Gesprek tussen werkgever en werknemer

Levenmetkanker pleit er dan ook voor om als werkgever en werknemer voortdurend met elkaar in contact en gesprek te blijven. Maes: “Hoe ga je samen verder? Welke contactmomenten spreek je af? Hoe kijk je naar werk? Welke gevolgen zullen de behandelingen hebben? Dat zijn heel relevante vragen en het is goed om die situatie zo snel mogelijk in kaart te brengen. Het vreemde is dat dit bij bijvoorbeeld een burnout wel gebeurt, maar bij kanker blijkt het lastiger bespreekbaar te maken.”

Het feit dat werkgevers en bedrijfsartsen derhalve afstand stimuleren is vaak goed bedoeld, maar het werkt averechts. Bij re-integratie na lange afwezigheid komt er veel druk te staan op de werknemer. “En juist op dat moment is iemand heel kwetsbaar. Het is heel spannend en er staat veel druk op: werk wordt vaak gezien als een mijlpaal. Als dat weer lukt dan is het echt klaar. Dan doe je weer mee. En andersom geldt dus dat als het lastig is, het een groot psychisch ding kan worden.”

Steeds grotere overlevingskansen bij kanker

Toch is de initiële gedachte ‘een werknemer die kanker heeft, zien we niet meer terug’ niet zo heel vreemd. Tien jaar geleden was de kans op overleving een stuk kleiner dan tegenwoordig. We kunnen kanker steeds beter behandelen en we werken langer door. Werkgevers worden daardoor veel meer geconfronteerd met werknemers met kanker – of genezen van kanker – die terugkeren op de werkvloer.

“We willen de werkgevers daarom ondersteunen. Vanuit onze ervaringsdeskundigheid kunnen we kennis inzetten om werkgevers te helpen. Zo leren ze dat ze best een gesprek aan kunnen gaan en dat dat helemaal niet emotioneel hoeft te zijn. Dat kan ook zakelijk. Het is wel belangrijk dat ze handvatten krijgen om dat goed te kunnen doen”, constateert Maes. “Ze willen het vaak ook goed doen. Het is geen onwil, maar onkunde.”

Wat zou de rol van collega’s moeten zijn?

De rol van collega’s bij re-integratie kan wisselend zijn. Als het contact goed is, kan die rol erg positief zijn. Zeker als het werk op zeker moment hervat wordt. “Maar daarom is het ook belangrijk om heldere afspraken te maken. Het is niet prettig als je herstellende bent en je moet voortdurend een beroep doen op je collega’s omdat je een uurtje vroeger naar huis gaat. Bovendien kunnen er collega’s zijn die in de thuissituatie ook geconfronteerd zijn met kanker en een zieke ouder of partner hebben. Zij zitten er misschien niet op te wachten om daar op het werk ook nog eens mee geconfronteerd te worden.”

Goede communicatie is het sleutelwoord

Maar ook hier is communicatie de sleutel tot succes. Als de communicatie goed gaat en zaken bespreekbaar zijn en blijven, gaat het vaak goed. Bij Levenmetkanker zijn net zo goed vele succesverhalen bekend, waarin veel begrip was en re-integratie goed bespreekbaar was. “Je hoeft echt niet tijdens de chemo achter je computer te zitten. Maar door collega’s op de hoogte te houden ontstaat er vaak wederzijds begrip. Dat kun je zelf doen of via je leidinggevende laten lopen.”

Re-integratie bevordert herstel

Andersom wordt van de werknemer ook iets verwacht. Wie betrokken wil blijven, moet zelf ook interesse tonen. Daarom is het goed om als patiënt te informeren hoe het op het werk gaat, maar ook wat de effecten van een therapie tegen kanker voor het werk kunnen betekenen. Het is verstandig om zoveel mogelijk te blijven werken. Werken bevordert het herstel, het biedt structuur aan het dagelijks bestaan én uiteraard een inkomen.

Conditie opbouwen en letten op de voeding helpen daarbij. “Zaken als vermoeidheid en angst horen bij kanker, maar zijn voor de buitenwereld vaak niet zichtbaar. We proberen mensen met kanker daarom te leren hoe ze dit soort zaken bespreekbaar kunnen maken in hun omgeving. Een kaal hoofd, een geamputeerde borst of een stoma zijn zaken die voor veel patiënten een begrijpelijk obstakel vormen om terug te keren naar het werk.

(Online) ondersteuning

Het kan natuurlijk voorkomen dat, ondanks alle inspanningen van werkgever en werknemer, het niet lukt om het werk op een goede manier te hervatten. Maar ook hier geldt: blijf communiceren, want het is goed om dit zo snel mogelijk uit te spreken. Een werknemer krijgt dan de kans om eventueel ergens anders aan het werk te gaan. Overigens is de werkgever verplicht om hierbij actief te ondersteunen. Anders liggen de zaken als de werknemer een zzp’er is, of als er sprake is van een jaarcontract.

“De relatie is dan veel kwetsbaarder”, ziet Maes in. “Via onze site proberen we aan werknemers in het algemeen en ook deze kwetsbare groep ondersteuning te bieden.” Levenmetkanker heeft ook allerlei ander materiaal ontwikkeld die werkgever, werknemen én zorgverlener kunnen ondersteunen bij de terugkeer naar de werkvloer.

Wil je als (ex-)kankerpatiënt aan het werk, maar loop je tegen problemen aan? Op de site Kanker & Werk kun je in gesprek gaan met ervaringsdeskundigen, actief meedoen in discussiegroepen, online workshops volgen en een schat aan waardevolle informatie vinden.