De situatie in de ouderenzorg is schrijnend. Hoewel er flink wordt bezuinigd en het verzorgingstehuis is afgeschaft, neemt het aantal ouderen aanzienlijk toe. Daarnaast dreigt in de verpleeghuizen een tekort aan het vinden en behouden van goed personeel. Een context die vraagt om voortdurende kwaliteitsverbetering en innovaties. Dat weet ook Bianca Buurman, bijzonder lector Transmurale Ouderenzorg bij de Hogeschool van Amsterdam en hoogleraar Acute Ouderenzorg bij het AMC. Volgens haar neemt het tekort aan verpleegkundigen in de sector steeds meer toe. Dit heeft niet alleen te maken met negatieve beeldvorming, maar ook met de carrièremogelijkheden binnen het vak. “Organisaties hebben moeite om verpleegkundigen aan zich te binden”, stipt ze aan. “Waar in het ziekenhuis nog allerlei specialisaties en doorgroeimogelijkheden zijn, vind je deze in de ouderenzorg veel minder.” Daarnaast wordt het steeds lastiger om mensen vanuit het ziekenhuis naar de thuissituatie door te plaatsen, legt Buurman uit. Doordat er te weinig wijkverpleegkundigen zijn, kan de doorstroming van het zorgsysteem niet goed plaatsvinden. Dit probleem wordt al in veel regio’s gezien. Zittende verpleegkundigen lijken niet geïnteresseerd om in de wijk te gaan werken.

Buurtziekenhuis

Iets waar Buurman samen met haar collega- onderzoekers een plan voor heeft bedacht. In april zal de opening van het eerste buurtziekenhuis in Nederland plaatsvinden, gelokaliseerd in Amsterdam-Zuidoost. Het biedt een oplossing om het ‘gapend gat’ tussen een ziekenhuisopname en de thuissituatie op te vullen. “We bieden er ziekenhuiszorg voor veelvoorkomende aandoeningen, zoals COPD en hartaandoeningen, dichter in de buurt aan”, legt Buurman uit. “Ook kan hier worden gezocht naar achterliggende problemen en manieren om nieuwe ziekenhuisopnamen te voorkomen. Op deze wijze leren ouderen wat ze zelf kunnen doen om hun leven weer op de rit te krijgen.” Het initiatief lijkt ook een passende vorm om verpleegkundigen aan te trekken, aldus Buurman. “Het is kortdurend, gericht op kwaliteit en er zijn voldoende mogelijkheden om eventuele hbo-competenties kwijt te kunnen. Zo wordt de ouderenzorg aanlokkelijker.” Daarnaast kan het kijken naar andere landen helpen om tot vernieuwingen te komen. Vorig jaar bracht de hoogleraar nog een bezoek aan Engeland om de nationale ouderenzorg te bestuderen. Is geriatrie in Nederland een van de minst populaire sectoren, hier bleek de sector het meeste in trek. Zo zag Buurman onder andere een soort spoedeisend hulpteam in de wijk, die snel kon schakelen en naar patiënten toe kon komen. Fysiotherapeuten en specialisten werkten er autonoom, maar in het geval van problemen was er altijd een achterwacht die ze konden bellen. Buurman: “Ik ben ervan overtuigd dat dit soort innovaties ook in ons land kunnen werken. Het zijn goede manieren om de ouderenzorg weer interessant te maken.”

Mensgerichte ouderenzorg

Ook Katrien Luijkx, bijzonder hoogleraar Ouderenzorg en coördinator van de Academische Werkplaats Ouderen van Tranzo, beaamt het belang van innovaties. In haar onderzoek richt zij zich hierbij specifiek op de leefwereld van ouderen. Zorg waarin mensen centraal staan, is volgens haar de sleutel tot verbetering. Ouderen willen graag gezien en gehoord worden en hun leven zoveel mogelijk voortzetten zoals zij dat gewend waren, legt de hoogleraar uit. Mensgerichte ouderenzorg maakt dit mogelijk. Hierbij is zowel aandacht voor de zorgontvangers als zorgverleners. Beide hebben hun eigen voorkeuren en capaciteiten en dienen voldoende ruimte te krijgen om te zijn wie ze zijn. In relatie tot zorg betekent dit dat ze zich goed tot elkaar moeten kunnen verhouden. Het zou dan ook moeten draaien om persoonlijke afstemming en behoeften, aldus Luijkx. Hierbij gaan mensen in gesprek met elkaar, waarbij ze samen kijken naar wat iemand gelukkiger maakt. Dit kan bijvoorbeeld door ouderen tijdens het aankleden echte aandacht te geven en naar hun persoonlijke interesses en leven te vragen. Of samen te zoeken naar oplossingen indien een probleem zich voordoet. Luijkx beaamt dat het een hele kunst is voor zorgverleners om bij elke oudere in het verpleegtehuis een passende benadering te hanteren. “Maar eigenlijk is dit veel logischer dan het gebruik van een standaard benadering. Mensgerichte zorg is geen kwestie van ‘u vraagt, wij draaien’. Het gaat erom dat zorgontvanger en zorgverlener samen uitvinden wat belangrijk is en hoe dat gerealiseerd kan worden.”

Leefwereld van ouderen

Om mensgerichte zorg te stimuleren, doet de hoogleraar samen met collega’s onderzoek naar de leefwereld van ouderen. Hierbij vindt nauwe samenwerking plaats met mensen die vanuit de zorgpraktijk tegen vragen zijn aangelopen. Luijkx: “Op deze manier hopen we innovaties te kunnen realiseren, met het individu als uitgangspunt.” Een van die studies was gericht op het toegangsproces van de ouderenzorg. Meer specifiek werd gekeken naar de benodigde stappen om een opname in een verpleegtehuis te kunnen realiseren. Hieruit bleken met name emotionele aspecten een belangrijke rol te spelen. “Een dergelijke verhuizing werd makkelijker indien het een organisatie lukte om hier aandacht aan te besteden”, legt Luijkx uit. “Dit kon bijvoorbeeld door een eerste kennismaking met de afdeling, waardoor de overgang meer geleidelijk verliep. Of een ontmoeting met de mantelzorgers, zodat er een basis van vertrouwen kon ontstaan.” Maar bij de leefwereld van ouderen horen ook intiemere onderwerpen, benadrukt de hoogleraar. Een voorbeeld is seksualiteit en intimiteit. Hoewel dit nog steeds een belangrijk onderdeel is van het leven van ouderen, ook als een van beiden dementie heeft, ervaren zij daar in omgevingen als verpleeghuizen slechts beperkte ruimte voor. Luijkx: “Dit geldt niet alleen voor daadwerkelijke seksualiteit, maar ook voor zaken als hand in hand zitten in een gemeenschappelijke woonkamer. Mensen met dementie en hun partners hebben daar behoefte aan, maar ouderen en zorgverleners vinden het lastig om dit bespreekbaar te maken en samen naar oplossingen te zoeken.”

Passende innovaties

Aan inzichten dus geen gebrek, maar welke passende innovaties horen hierbij? Momenteel zijn we in een aantal projecten de vertaalslag van wetenschappelijke inzichten naar de praktijk aan het maken, aldus de hoogleraar. Dit levert praktische handvatten op om bijvoorbeeld de geriatrische revalidatiezorg of het toegangsproces tot het verpleeghuis te evalueren en te verbeteren. Maar de vertaalslag maken naar concrete innovaties blijft lastig. “Het zijn ontwikkelingen die niet met één vernieuwing te bewerkstelligen zijn. Aandacht voor de zorgontvangers dient er in de gehele organisatie te zijn, van directeur tot zorgmedewerkers.” In speciaal georganiseerde bijeenkomsten wordt de uit studies opgedane kennis gedeeld met zorgverleners van verschillende organisaties. Hierbij krijgen zij de ruimte om met elkaar in gesprek te gaan en van elkaar te leren. “Uiteindelijk hopen we dat er op deze manier nieuwe ideeën ontstaan die uitgewerkt kunnen worden”, aldus Luijkx. “Alles om goede mensgerichte zorg te kunnen realiseren.”