Sommige jongeren zetten al vrij vroeg, soms al op twaalfjarige leeftijd, de eerste stappen op het criminele pad. Om te voorkomen dat zij op zulke jonge leeftijd in het strafrecht terechtkomen, is het noodzakelijk om in te zetten op preventie. Dat kan door op tijd in gesprek te gaan met de ouders en door steunstructuren rondom een gezin aan te leggen. Het is immers veel beter om vanuit hulp en ondersteuning te werken dan vanuit straf en repressie, vindt Jan Menting, ambassadeur Zorglandschap Jeugd bij de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), de jeugdhulpbranches en het ministerie van VWS. “Gemeenten en zorgaanbieders hebben samen de taak om dat preventieve element zo goed mogelijk in te vullen.”

Verschillende instrumenten

Voor het realiseren van deze taak hebben gemeenten verschillende instrumenten tot hun beschikking, zoals de leerplichtambtenaar, jeugdhulp, de huisarts en het onderwijs. Met deze systemen kan een gemeente jongeren die dreigen af te glijden snel in beeld krijgen. Komt iemand bijvoorbeeld al een tijdlang niet meer naar school, zonder dat bekend is waar dat aan ligt, dan zouden alarmbellen moeten afgaan, zegt Menting. “In dergelijke gevallen kan iemand het gezin bezoeken om het gesprek aan te gaan en te vragen wat er speelt.”

Hulp op maat

Een gemeente die preventie en zorg zo goed mogelijk wil organiseren, doet er goed aan te zorgen dat wijkteams direct in verbinding staan met huisartsen en scholen, stelt Rik Verdellen, contractmanager Jeugdhulp bij de gemeente Arnhem. Is er meer aan de hand in een gezin, zoals problemen met schulden of verslaving, dan zoeken huisartsen en scholen contact met het wijkteam, dat een integrale aanpak voor de volledige problematiek opstelt. “In het verleden waren zoveel verschillende partijen verantwoordelijk voor de zorg dat zij elkaar in de weg liepen. Soms wisten ze niet eens van elkaars bestaan.” Het voordeel aan de huidige opzet is dat wijkteams in staat zijn integraal naar de problemen van een gezin te kijken. Een ander voordeel van de keuze om de gemeente de jeugdhulp te laten uitvoeren, is volgens Verdellen dat mensen hulp op maat kunnen krijgen, die ook nog eens in de eigen omgeving voorhanden is.

Niet zeggen, maar ook doen

Vanuit gemeentelijk perspectief zijn dus voldoende instrumenten beschikbaar om snel jongeren in beeld te krijgen waarmee het niet goed gaat. Gemeenten die erin slagen onderwijs en zorg goed op elkaar te laten aansluiten, hebben goud in handen, meent Menting. “Er is veel mogelijk, het is alleen heel veel werk om het te organiseren. Je moet verbindingen leggen, combinaties tussen wijkteams en onderwijs organiseren en zorgen dat specialistische hulpverleners dichtbij het wijkteam zitten.” Uiteraard verloopt dit nog niet in alle gemeenten even goed, want door de decentralisatie zijn nu eenmaal verschillen ontstaan. Er zijn plekken in het land waar het heel goed gaat en plekken waar het nog beter kan, weet Menting. Hij ziet stapsgewijs verbetering optreden, nu gemeenten, onderwijs, zorg en justitie in de gaten hebben dat overleg en samenwerking leiden tot betere oplossingen. “Nu is het nog een kwestie van uitvoering. Samenwerking en communicatie kun je in theorie op ieder probleem loslaten. Maar je moet het niet alleen zeggen, je moet het ook doen.”