Ouderen kunnen beter op thuis-gerelateerde stress anticiperen dan jongvolwassenen, maar blijken deze vaardigheid minder goed in te kunnen zetten om de effecten ervan om te draaien. Dat blijkt uit onderzoek van the North Carolina State University.

223 volwassenen

Aan de studie namen in totaal 223 volwassenen deel, waarvan 107 tussen de 18 en 36 jaar oud en 116 tussen de 60 en 90 jaar oud. Allen werden zij gevraagd om een enquête in te vullen. Deze omvatte vragen over stressfactoren, stemmingen en verwachte spanningen voor de volgende dag. Ook moesten de deelnemers aangeven in hoeverre zij iets speciaals deden om zich op stresssituaties voor te bereiden.

Alle vragen gingen specifiek over thuis-gerelateerde stress. Hiermee worden spanningen bedoeld over onder meer klusjes, financiële zaken en dingen die in en om het huis gedaan moesten worden.

Zestigplussers betere voorspellers

Uiteindelijk kwam het team tot de ontdekking dat zestigplussers beter in staat waren om op stressvolle situaties te anticiperen dan jongvolwassenen. Lukte het de jongvolwassenen toch om deze te voorspellen, dan slaagden zij er beter in om het negatieve effect van deze stressfactoren om te keren.

Daarnaast bleek het goed voorspellen van stressfactoren weinig invloed te hebben op de stemming van ouderen, maar bij jongvolwassenen bracht dit een positief effect teweeg. Dit gold echter niet in het geval zij het gevoel hadden te vastlopen bij het oplossen van een probleem.

De wetenschappers concluderen dat verschillende leeftijdsgroepen in bepaalde contexten anders op stress reageren. Hoewel een eerdere studie liet zien dat er bij spanningen op het werk geen sprake was van grote contrasten, blijkt dit voor de thuissituatie een ander verhaal.