Vooronderzoek naar autisme bij kinderen tussen de 3 en 10 jaar bleek bijna 98 procent accuraat te zijn. Een experimentele bloedtest gaf deze hoopgevende resultaten. “De bloedtest was in staat om autisme te voorspellen, ongeacht waar het kind zich op het spectrum bevond,” zegt onderzoeker Juergen Hahn, verwijzend naar de gradaties van de aangeboren ontwikkelingsstoornis. Hij is hoofd van de afdeling Biomedical Engineering aan het Rensselaer Polytechnic Institute. “Daarnaast kon de test erg accuraat aangeven in welke mate de testpersonen aandoeningen hadden die vaak bij autisme voorkomen.

Onderzoek naar autisme

Het onderzoek was klein, slechts 83 kinderen met autisme en 76 “gezonde” kinderen werden getest. Maar vervolgonderzoek staat volgens de onderzoekers wel in de planning, het gaat tenslotte om een nieuwe vorm van autismediagnostiek.

Bij de huidige standaardaanpak moet er een consensus zijn tussen verschillende medische professionals zoals kinderartsen, psychologen, ergotherapeuten en logopedisten. De nieuwe bloedtest focust slechts op het identificeren van belangrijke identificatiepunten van autisme in de stofwisseling.

Hiervoor verzamelden de onderzoekers bloed van de 159 kinderen voor een analyse. Deze bleek bijna foutloos te zijn bij het identificeren van kinderen met autisme. Daarnaast werd meer dan 96 procent van de “gezonde” kinderen geïdentificeerd.

Beperkingen

Het is volgens Hahn nog onduidelijk of dezelfde resultaten bereikt kunnen worden bij kinderen jonger dan 3 jaar. “Idealiter zouden we dit testen bij kinderen van 18 tot 24 maanden maar dit is nog niet gedaan. Zodanig weten we dus niet waar de grens ligt.” Hahn voegt eraan toe dat het ook nog niet bekend is of de bloedtest autisme kan voorspellen bij kinderen die nog geen kenmerken vertonen.

Het onderzoek werd in het wetenschappelijk tijdschrift PLOS Computational Biology gepubliceerd.

Kritiek

Mathew Pletcher, vicepresident van de belangenorganisatie Autism Speaks, uit zijn twijfels bij de manier waarop de bloedtest uitgevoerd is. “Er is veel werk gedaan op dit gebied, en een aantal onderzoeken hebben voorlopige gegevens geproduceerd die aantonen dat sommige moleculaire veranderingen op autisme kunnen wijzen.” Hoewel de bloedtest dus in de voetsporen treedt van dit eerdere werk, is de methode die ze gebruikt hebben volgens Pletcher niet helemaal waterdicht. Ook vindt hij het onwaarschijnlijk dat één moleculaire diagnostische test in staat zou zijn om de verschillende subtypes van autisme te kunnen identificeren. Toch is het volgens hem de moeite waard om het onderzoek op grootschaligere wijze te herhalen.

Deel dit artikel via:

facebooktwittergoogle_pluslinkedin
« Jongeren wachten lang met het zoeken van hulp bij psychiatrische stoornis Neem gewichtsverlies serieus bij ouder worden »