Britse onderzoekers zijn van mening dat het stelselmatig pesten van een gezinslid het risico verhoogt op psychische aandoeningen als bipolaire stoornis of schizofrenie op latere leeftijd. Zaak dus voor ouders en overige opvoedkundigen om naar manieren te zoeken om dit te voorkomen. De resultaten uit het onderzoek zijn gepubliceerd in Psychological Medicine.

18 en een psychische aandoening

Ruim 3600 tieners vormden onderdeel van deze studie naar pesten in relatie tot psychische problemen op latere leeftijd. De eerste gegevens werden verzameld toen de jongeren 12 waren. 664 gaven aan gepest te worden. 486 waren juist pesters en 771 waren zowel slachtoffer als pester. Vervolgens vond er op de leeftijd van 18 een nieuwe meting plaats. Van de onderzochten hadden 55 mettertijd een psychische aandoening ontwikkeld.

Hoe meer gepest, hoe groter het risico

Tieners die vaker gepest waren bleken het grootste risico te lopen op psychische problemen. Ongeacht of ze alleen gepest waren of dit zelf ook hadden gedaan, was de kans twee tot drie keer groter. Hieraan voegt onderzoeker Slava Dantchev (University of Warwick) het volgende toe: “Als bleek dat het pesten zowel op school als thuis voorkwam, was het risico zelfs vier keer groter.”

Geen veilig thuis

Ondanks de inbreng van andere factoren (pesten door niet-gezinsleden, emotionele stabiliteit) bleef het risico gelijk. De wetenschappers konden weliswaar geen direct verband aantonen, maar het heeft er alle schijn van dat het gebrek aan een goede verstandshouding met broers/zussen op jongere leeftijd de aanleiding is voor mentale problemen op latere leeftijd. Dantchev: “De problemen met deze tieners beginnen omdat ze geen veilig thuis kennen.”

Co-onderzoeker Dieter Wolke sluit zich hierbij aan. Volgens Wolke wordt het dan ook tijd dat deze vorm van pesten beschouwd wordt als een die kan leiden tot trauma, dat uiteindelijk resulteert in psychische klachten. Wolke: “Normaal gesproken spenderen kinderen het grootste gedeelte van hun jeugd als onderdeel van het gezin. Als ze door pesten en uitsluiting niet het gevoel hebben erbij te horen, kunnen ze een laag gevoel van eigenwaarde ontwikkelen. Op de lange termijn tast dit de geestestoestand aan.”