In Nederland lijden zo’n 100.000 mensen aan diabetes mellitus type 1 (T1DM). Studies laten zien dat 6% van de patiënten met T1DM coeliakie – glutenintolerantie – heeft. Dit komt neer op 6.000 patiënten, met klachten zoals hevige buikpijn en krampen. Echter, in Nederland weten duizenden patiënten met diabetes mellitus type 1 niet dat ze de aandoening hebben. Maag, darm en lever-arts in opleiding Sjoerd Bakker onderzocht de relatie tussen T1DM en coeliakie.

1 op de 3 diabetes-patiënten heeft coeliakie

Uit het onderzoek van Bakker bleek dat een derde van de patiënten die op volwassen leeftijd diabetes mellitus type 1 kregen, langdurig (meer dan 5 jaar) klachten van coeliakie hadden, vóórdat het werd gediagnosticeerd. Momenteel worden diabetespatiënten niet standaard gecontroleerd op de aandoening. Kinderartsen doen dat wel bij insulineafhankelijke diabetes. De kwaliteit van leven is bij mensen lager door coeliakie-gerelateerde klachten (buikpijn, diarree, moe) en heeft ook een groot effect op het sociale leven. Opvallend genoeg vond Bakker dat de aandoening geen effect had op de glucoseregulatie van T1DM-patiënten.

Wat is coeliakie?

Coeliakie is een aandoening in de dunne darm die ontstaat na het eten van gluten, een eiwit uit tarwe, rogge en gerst. De behandeling hiervoor bestaat uit een glutenvrij dieet. Voedsel dat gluten bevat, veroorzaakt bij mensen met de darmziekte een beschadiging van het slijmvlies van de dunne darm. De dunne darm is een heel belangrijk onderdeel van het spijsverteringskanaal. In de dunne darm vindt het grootste deel van de vertering van voedsel plaats. Vervolgens moeten belangrijke voedingsstoffen via de wand van de dunne darm opgenomen worden in ons lichaam.

Vijfjaarlijkse screening

Coeliakie voldoet aan bijna alle internationale criteria voor screening: de ziekte komt vaak voor, het is makkelijk te diagnosticeren middels antistoffen in het bloed en er is een behandeling mogelijk. Gezien het feit dat de onderzochte patiënten langdurig klachten hadden adviseert Bakker om elke vijf jaar te screenen. ‘Een eerdere diagnose zou deze patiënten enorm kunnen helpen’

Bron: VUmc