Hoe gaat de screening van darmkanker in zijn werk? En wat zijn de protocollen als darmkanker daadwerkelijk wordt opgespoord? Hoogleraar gastro-intestinale oncologie Evelien Dekker van het AMC licht de ontwikkelingen toe.

Hoge kwaliteit van screening

“Nederland is absoluut niet het eerste land in de Westerse wereld waar een dergelijke screening plaatsvindt, maar nergens is het zo goed en structureel opgezet als hier. Alles is tot in de puntjes voorbereid, en gegevens van alle radartjes komen samen in een enorm datawarehouse. Het hele programma is daardoor op elk gewenst moment te monitoren op elk aspect.”

Er wordt gestreefd naar een zo hoog mogelijke kwaliteit van de screening. Dekker vervolgt: “Alle onderdelen worden zodanig gestuurd, dat ze allemaal op kwaliteit controleerbaar zijn. Dat geldt bijvoorbeeld voor de ontlastingstest, maar ook voor de centra en artsen die zich geaccrediteerd hebben en het vervolgonderzoek, de coloscopie.”

Ontwikkelingen van de coloscopie

De afgelopen decennia zijn de technologische ontwikkelingen van de coloscopie (het kijkonderzoek van de dikke darm) sterk vooruitgegaan. “We kunnen de beelden in high definition-kwaliteit zien en met hulpmiddelen van alles doen om meer poliepen te vinden en deze te verwijderen. De techniek helpt ons, maar het begint natuurlijk met de basis”, vertelt Dekker. Voor de kwaliteit van de coloscopie is er momenteel wereldwijd veel aandacht. Ook zijn er meer manieren om de kwaliteit van de screening vast te stellen.

Zo is het bijvoorbeeld belangrijk om de héle dikke darm te onderzoeken. “Maar ook de voorbereiding van de darm is zeer belangrijk voor de kwaliteit van het onderzoek. Er zijn meer klinisch relevante indicatoren, bijvoorbeeld de kwaliteit van de onderzoeker zélf in het vinden van poliepen. Overigens heeft kwaliteit niet alleen te maken met harde eindpunten, maar ook met de belasting voor de patiënt. Of de wachttijd tussen de ontlastingstest en de coloscopie. Of de kunde om poliepen goed te verwijderen en op te vangen voor onderzoek door de patholoog.”

Protocol bij het vervolgonderzoek naar darmkanker

Het protocol voor het vervolgonderzoek hangt in sterke mate af van wát er gevonden wordt. Uit de proef-bevolkingsonderzoeken is bekend dat bij de personen met een positieve ontlastingstest in bijna 50% van de personen darmkanker of grote of onrustige poliepen gevonden worden. Een poliep kan een voorstadium van darmkanker zijn, maar in principe wordt elke poliep direct verwijderd. “Voor elke patiënt met darmkanker of een zeer grote poliep maken we een apart beleid”, zegt Dekker.

Dat beleid moet multidisciplinair besproken en uitgevoerd worden. “Omdat er allerlei verschillende aspecten meespelen is de behandeling sowieso maatwerk. Niet alleen de medische situatie, ook de algemene conditie en de wens van de patiënt spelen een belangrijke rol. Zeker ook voor darmkanker wordt de behandeling steeds meer geïndividualiseerd.”