Iedere tumor, zelfs binnen één en dezelfde patiënt, heeft een unieke DNA-structuur. Hoe richt je daar je therapie op? Dit is een targeted therapie die zoveel mogelijk is toegespitst op de individuele patiënt of op een bepaald type kanker.

Verschil met de traditionele diagnose

Daniel Peeper is hoofd van de afdeling Moleculaire Oncologie van het Nederlands Kanker Instituut (NKI) en houdt zich dagelijks met deze materie bezig.“Bij de traditionele diagnose bekijkt de patholoog de tumor, waar die zich bevindt en of hij zich agressief gedraagt. Die analyse is ook vandaag de dag nog belangrijk, maar we kunnen er sinds kort een geavanceerde analyse overheen leggen”, licht hij toe.

Bij deze analyse wordt uitgegaan van het DNA van de tumor, waarbij gezocht wordt naar mutaties, de zogenaamde foutjes in het DNA. Mutaties in het DNA geven eigenschappen aan cellen die buiten de normale controleprocessen van het lichaam komen te staan. Met een set van specifieke nieuwe eigenschappen veranderen deze cellen zo in tumorcellen.

Vooruitgang in de DNA-analyse

In de laatste tien jaar is veel vooruitgang geboekt in de efficiëntie van de DNA-analyse. “We zijn nu in staat om het DNA in het laboratorium zeer nauwkeurig en in een kort tijdsbestek in kaart te brengen. Deze moleculaire benadering complementeert de klassieke analyse van de patholoog. Daarnaast zijn we steeds beter in staat om heel gerichte therapieën te ontwikkelen.”

De truc is nu om de beste targeted therapie voor elke afzonderlijke tumor te bepalen. “Van elke tumor kunnen we al vaststellen welke genen gemuteerd zijn. Maar helaas is het nu nog niet zo dat we al die mutaties in de kliniek kunnen aanpakken met medicijnen. Er zijn momenteel een twintigtal middelen beschikbaar die gericht ingrijpen op die mutaties, en enkele honderden zijn in ontwikkeling. We willen dus toewerken naar het in kaart brengen van de mutaties van elke tumor en dat als leidraad gebruiken bij de behandeling met die nieuwe generatie specifieke medicijnen. Iedere patiënt en iedere tumor is anders. Het is zelfs zo dat een primaire tumor en de uitzaaiingen binnen dezelfde patiënt ook al verschillend zijn. Ze gedragen zich vaak niet identiek.”

Waarin verschilt targeted therapie met chemotherapie?

Personalized medicine maakt gebruik van het goed in kaart brengen van de genetische samenstelling van de tumor. Vervolgens wordt gericht ingegrepen op het effect van de mutaties in het DNA. Deze targeted therapie is dus essentieel anders dan de chemotherapie die we nu gebruiken.

Dat geldt voor tumorcellen, maar ook voor delende gezonde cellen. Zonder onderscheid. De nieuwe targeted therapie is specifieker gericht op de afwijkingen van de tumorcellen en zorgt over het algemeen -maar niet altijd- voor minder bijwerkingen. Peeper: “De technologie is nu voorhanden, maar het is nog niet zo dat we bij elke mutatie precies weten wat we moeten doen, noch dat we voor elke mutatie een specifiek middel op de plank hebben liggen. Daar is nog veel onderzoek voor nodig.”