Verwarde man klimt op Waalbrug’, ‘Verwarde man zwemt in Amsterdamse gracht’, ‘Politie schiet verwarde man neer in Haaren’: een korte ronde op internet levert een keur aan voorbeelden op van nieuwsberichten over ‘verwarde personen’. Het aantal personen als verward geregistreerd en het aantal incidenten is in Nederland de afgelopen jaren gestegen. Een link met bezuinigingen in de ggz en de groeiende groep psychiatrische patiënten die thuis blijven wonen, is snel gelegd. Reden genoeg voor ggz, politie en gemeenten om te zoeken naar een aanpak. Wie zijn de verwarde mensen en wie is verantwoordelijk voor hun opvang en begeleiding?

Containerbegrip

‘Verwarde mensen’ kun je beter vervangen door ‘mensen met verward gedrag’, stelt Sjef Czyzewski, ggz-bestuurder en lid van het landelijke Aanjaagteam Verwarde Personen, dat het afgelopen jaar in kaart bracht hoe zorg en opvang voor verwarde personen moet verbeteren. Het is een containerbegrip en bovendien geen nieuwe groep, al is het aantal incidenten gestegen waarbij mensen met verward gedrag in aanraking kwamen met politie. Deze mensen hebben moeite een stabiele leefomgeving te creëren, legt Czyzewski uit. Zij hebben de grip op het leven verloren, of dreigen dat te doen.

De groep loopt uiteen van beginnend dementerenden tot mensen die met justitie in aanraking komen en een gevaar vormen voor anderen. Behoorlijk uiteenlopend dus, beaamt ook Niels Mulder, psychiater en hoogleraar Openbare ggz aan het Erasmus MC. Ongeveer driekwart van de gevallen is psychiatrisch en een kwart ‘kortdurend verward’, door invloed van alcohol of drugs bijvoorbeeld. De term zoals hier gebruikt, gaat over gevallen die bij politie terechtkomen. Er is geen directe stijging in het aantal gevallen dat bij ggz-crisisdiensten terechtkomt.

Gedeelde verantwoordelijkheid

Direct wordt duidelijk dat niet één partij verantwoordelijk is. De vraag is hoe alle partijen samen bij acute problemen tijdige en juiste zorg kunnen leveren. Nu rukt de politie als eerste uit. Czyzewski: “Agenten zijn uitstekend geschikt om orde te handhaven, maar niet opgeleid als hulpverlener of ggz-specialist.” Daardoor escaleren goedbedoelde interventies, waarbij verwarde personen soms door meerdere agenten in de boeien worden geslagen. Eenmaal bij een ggz-instelling moeten hulpverleners de situatie de-escaleren, dat is tijdrovend. Hierom pleit het aanjaagteam voor 24 uur per dag acute hulpverlening. “Nu wordt ggz pas ingeschakeld ná de politie, maar die uren daartussen maken de situatie meestal erger. Als ggz-hulpverleners er eerst bij zijn, zal dat de investering waard blijken, zowel financieel als qua effecten op de zorg.” Personen kunnen dan ook vaker thuis geholpen worden, wat ziekenhuisopnames scheelt en politie-inzet bespaart. Extra lastig is dat elke gemeente anders georganiseerd is, vertelt Mulder. Er zijn enkele ggz-meldpunten, maar meestal is de politie eerst verantwoordelijk, onder meer door overbelasting bij de gemeentelijke ggz.

Oorzaken toename incidenten

Hulp schiet tot nu toe te kort, mede door het ontbreken van goede samenwerking tussen ggz en justitie. Men probeert tevergeefs een verdeling te maken; hoeveel procent thuishoort bij psychiatrie en hoeveel procent bij justitie. Een zinloze discussie, volgens Czyzewski en Mulder. De oorzaak van het stijgende aantal incidenten is een optelsom van dingen. Eén reden is dat meer psychiatrische patiënten thuis wonen – door afbouw van bedden in de zorg en focus op de participatiesamenleving. Door tekortschietende hulp aan huis is het risico groot dat zij niet de nodige zorg krijgen en overlast veroorzaken.

Kwetsbare mensen bestaan in elke samenleving en alle tijden, maar in een complexe samenleving als de onze is het voor hen extra moeilijk hun leven stabiel te organiseren. Organisatorische aspecten – wonen, verzekering, subsidies, belastingen – zijn gericht op de gemiddelde zelfredzame Nederlander; niet iedereen kan daar in mee komen. De stress die dat oplevert kan resulteren in verward gedrag, legt Czyzewski uit. De participatiesamenleving veroorzaakt bovendien een verschuiling voor de werkelijkheid.
“Dat gehamer op zelfredzaamheid negeert vele duizenden mensen die hulp nodig blijven houden.” Mulder is het hiermee eens. “Wie door gebrek aan mogelijkheden de eigen regie niet neemt, belandt in een vicieuze cirkel.”

Geen geld voor internet of telefonie, of schulden, veroorzaakt steeds verdere achterstand, waar het door ingewikkelde eisen en regels, moeilijk is uit te komen. De verschraling van gemeentelijke voorzieningen als schuldhulpverlening, sociale werkplaatsen en woonbegeleiding versterken de toename. Daarnaast is de drempel om hulp te zoeken hoger door het eigen risico voor specialistische zorg. Door deze bewegingen blijft een steeds grotere groep verstoken van hulp, waarvan een deel niet inziet hulp nodig te hebben. “Dit alles resulteert in veel leed achter de voordeur”, aldus Mulder. Als zij geen hulp krijgen, zal een deel van deze mensen overlast veroorzaken – soms met ernstige gevolgen.

Oplossingen

Beide experts zien veel in werkenderwijs oplossingen zoeken. In Rotterdam zijn verschillende experimenten uitgevoerd om verwarde personen te helpen. Zo is er een proef geweest waarbij ggz samen met woningcorporaties langs de deuren ging bij mensen met een huurachterstand. Vaak werden ernstig verwaarloosde mensen aangetroffen. Binnen bestaande regels had de corporatie nauwelijks mogelijkheden om te helpen. Ook is een project gestart waarbij daklozen ggz-hulp kregen, en een waarbij vrouwen met psychische stoornissen uit de prostitutie gehaald werden. Tot slot is er een pilot waarbij ggz-verpleegkundigen meeluisteren op de meldkamer van de politie. De kostenbesparing van zulke projecten zie je terug bij politie, justitie en woningcorporaties en bovendien stijgt de leefbaarheid in de buurten. Er kan niet genoeg benadrukt worden dat het sociale domein, gezondheidszorg en justitie meer moeten samenwerken. Ook is meer onderzoek nodig om veranderingen landelijk door te voeren. Wat in de ene gemeente werkt, heeft ook een grote slagingskans in de andere, aldus Mulder.

Het is een mythe dat decentralisering per definitie leidt tot betere oplossingen. Om dit soort complexe problemen aan te pakken, moet er onderzoek gedaan worden naar best practices en die kennis moet gedeeld worden. Daarnaast is een verlaging van regeldruk een punt. Czyzewski: “Deze doelgroep moet niet gebukt gaan onder de overdaad aan regels in het gemeentelijke en sociale domein en de ggz.” Het zou volgens Mulder goed zijn als de ggz vaker aansluit bij politie wanneer er vermoedens zijn van verward gedrag, bijvoorbeeld bij huisbezoeken. Als er daadwerkelijk sprake is van ggz-problematiek, kan de politie zich terugtrekken. Ook zou een speciaal meldnummer kunnen komen – bijvoorbeeld 115 – voor personen met verward gedrag. Het aanjaagteam heeft gemeenten verschillende adviezen gegeven in de vorm van ‘bouwstenen’. Maar, zegt Czyzewski, oplossingen zullen binnen de huidige situatie niet gevonden worden. “Er zal door regels heen gebroken moeten worden.” Daarnaast is het belangrijk dat er een duidelijk vervolg komt op het aanjaagteam, nu de opdracht is afgerond. Anders zal dit probleem niet getackeld worden.