Slechthorendheid is een verborgen ziekte waar ongeveer 1.6 miljoen Nederlanders aan lijden. Het gaat hierbij om een zeer geleidelijk ziekteproces, waardoor het vaak niet op tijd opgemerkt wordt. Patiënten kunnen dan ook niet vaak op begrip vanuit hun directe omgeving rekenen.

Dr. Jan de Laat is als klinisch fysicus en audioloog verbonden aan het Leids Universitair Medisch Centrum. Hij doet een boekje open over de gevolgen, behandelmogelijkheden en innovaties op het gebied van gehoorschade.

Wat zijn de gevolgen van slechthorendheid op het dagelijks leven?

“Mensen merken niet snel dat ze slecht horen en dat betekent ook dat ze vaak te maken hebben met een omgeving die het niet snapt. Er is dus veel onbegrip en voor slechthorenden wordt het steeds lastiger om gesprekken te volgen. Dan doen ze niet meer mee aan de dialoog en trekken ze zich een beetje terug. Hierdoor krijg je misverstanden en dat maakt het allemaal niet makkelijker.

Bovendien speelt vermoeidheid een rol. Bij slecht spraakverstaan gaat het er vaak om dat ze bijvoorbeeld stemloze medeklinkers niet goed verstaan. Dat betekent dat ze fouten maken, verkeerd begrepen worden en daarom onjuist reageren. Hierdoor worden mensen ongeduldig en treedt er vermoeidheid en concentratieverlies op.”

Wat zijn de behandelmogelijkheden bij slechthorendheid?

“Tegenwoordig is er met hele vernuftige hoortoestellen wel degelijk wat aan te doen en moeten we mensen erop wijzen de gehoorproblemen te voorkomen. Mensen moeten er op tijd mee beginnen en dat betekent ook dat ze alle adviezen met betrekking tot een verminderend gehoor zouden moeten opvolgen.

Het is dus belangrijk dat ze weten hoe ze zich het beste kunnen gedragen, ook al hebben ze nog niet echt een hoortoestel nodig. Dus dat ze bij wijze van spreken assertief moeten zijn en vragen om herhaling. En als het gehoorverlies toeneemt en ze beseffen dat een hoortoestel nuttig is, dan ook daadwerkelijk in actie komen.”

Zijn er innovaties om mensen met gehoorschade te kunnen helpen?

“De kwaliteit van hoortoestellen is enorm verbeterd. Er is nu bijvoorbeeld draadloze techniek met microfoons op afstand. Hoorapparaten zijn tegenwoordig ook heel erg klein, maar hebben alle techniek die vroeger heel veel ruimte innam. Daarnaast zijn er hele compacte gehoorattributen, oftewel hoorhulpjes, die eigenlijk al te verkrijgen zijn voor beperkt gehoorverlies.

Die moderne middelen worden steeds kleiner en beter qua geluid, doordat er snellere sampletechnieken zijn. Bovendien is het frequentiebereik en de geluidsdynamiek van hoortoestellen verbeterd. Dit heeft positieve gevolgen voor de luidheidswaarneming van de patiënt, zowel voor spraak als voor muziek.”

Zijn er verschuivingen die aangeven dat er steeds meer aandacht is voor preventie in plaats van gehoorrevalidatie?

“Samen met de Nationale Hoorstichting zijn we nu bezig om een ander soort van preventie uit te oefenen. We willen namelijk dat oudere mensen zich vaker op hun gehoor laten controleren om te voorkomen dat ze er ‘niet meer bij horen’. Want slechthorendheid doet zich vooral voor op oudere leeftijd.

Als je de 55 gepasseerd bent moet je al op gaan letten dat je gehoor niet zodanig achteruit gaat dat je een hoortoestel nodig hebt. Er moet dus meer erkenning en besef voor die groep zijn dat als men wat minder hoort ze er iets aan moeten doen, want het kan met een klein beetje hulp zoveel beter.”

Benieuwd hoe goed jij kan horen? Doe de hoortest van de Nationale Hoorstichting en kom erachter!