Digitale oplossingen zijn van groot belang om de uitdagingen waar de zorg voor staat het hoofd te bieden. Op universitaire medische centra vindt dan ook veel onderzoek plaats naar de plek die digitalisering van zorg kan innemen.

De zorg kan er beter door worden en is minder belastend voor de patiënt. Digitalisering kan zelfs oplossingen bieden, waardoor ouderen langer thuis blijven wonen. Ook kunnen mensen met een beperking of met een psychische stoornis gewoon in de wijk wonen.

Welke voordelen biedt digitalisering?

Nick Guldemond is associated professor in de Integrated Care & Technology aan het UMC Utrecht. Hij houdt zich bezig met digitale oplossingen in de gehele keten, of ‘netwerk’ zeggen we nu, van zorg: van universitaire medische centra tot bij patiënten thuis.

In de universitaire medische centra wordt veel onderzoek gedaan naar de mogelijkheden die techniek biedt. Onderzoek dat vervolgens weer een praktische vertaling krijgt bij bijvoorbeeld huisartsen. “Denk aan diagnostische technieken. Veel diagnostiek kan in de huisartsenpraktijk plaatsvinden. Dat is minder belastend voor de patiënt, want die hoeft dan niet naar het ziekenhuis.”

Maar dergelijke technieken moeten dan wel zo procesmatig worden ingebed dat de interpretatie van de meetresultaten goed gebeurt. “Röntgenfoto’s bijvoorbeeld, kunnen overal ter wereld geïnterpreteerd worden, dergelijke expertise is locatieonafhankelijk. Maar dat moet je procesmatig goed inrichten opdat het aan de hoogste kwaliteitseisen voldoet.”

Interessante ontwikkelingen voor de zorg

Kennis die op wetenschappelijk niveau wordt vergaard, kan verder verspreid worden dan de vakliteratuur voor ingewijden en de protocollen in de praktijkruimte van de medicus. “We kunnen mensen via ICT gaan bijstaan in hun dagelijkse leven door hun heel gericht informatie te geven die voor hun ziektebeeld van belang is.

Denk aan herinneringen voor het innemen van medicijnen of het sturen van berichtjes op de mobiele telefoon ter bevordering van een gezonde leefstijl. Iedereen heeft tegenwoordig een telefoon bij zich. Die leent zich ook voor het sturen van het eetpatroon, het meten van activiteit en het verstrekken van informatie die voor het dagelijkse ritme van belang is.” Kortom, e-health die de huiskamer binnenkomt.

Een persoonlijk gezondheidsdossier

Mensen worden er een stuk zelfredzamer door. Ze zijn niet meer voor alles afhankelijk van een zorgverlener van vlees en bloed. Belangrijk daarvoor is ook het persoonlijke gezondheidsdossier, waarin de patiëntzorgverleners aan elkaar kan koppelen.

Denk aan de apotheek, het ziekenhuis, de huisartsen de fysiotherapeut. Groot verschil met het landelijke EPD van een paar jaar gelden is dat bij dit persoonlijk gezondheidsdossier de patiënt zelf de controle behoudt. Inloggen moet wel met het DigiD.

Neem psychiatrische patiënten, zegt Guldemond. “Vroeger kwamen die in instellingen ver weg van de bewoonde wereld terecht, tegenwoordig wonen zij weer gewoon in de wijk. Mensen die veel zorg nodig hebben, ook van de informele zorgstructuur die hen vaak omringt. Mantelzorgers als buren, kennissen en familie.

Het PsyNet-platform

Voor hen maar ook voor de formele zorgverleners als psychiaters, wijkverpleegkundigen en huisartsen, is het van groot belang om elkaar snel te kunnen vinden als dat nodig is.” Daarvoor is PsyNet ontwikkeld, een digitaal systeem waarmee de complexe zorg rondom zo iemand goed is te organiseren.

Men houdt elkaar op de hoogte en zorg kan snel opgeschakeld worden: snel intensievere zorg kunnen bieden als dat nodig is. Informele en formele zorg en de patiënt zelf, vinden elkaar via dit digitale platform.

Samenwerking is het sleutelwoord

Veel draait eigenlijk om het maken van een vertaling van allerlei ontwikkelingen in de wetenschappelijke medische wereld naar praktische consumentenelektronica. Belangrijk is dat de acht universitaire medische centra met elkaar en andere zorgverleners en organisaties samenwerken om over en weer van elkaars uitvindingen te leren.

Guldemond: “De uitdagingen waar de zorg voor staat, zijn zo groot, dat we onze krachten moeten bundelen. We kunnen elkaar versterken om nog betere oplossingen te vinden.”Een grote uitdaging is volgens Guldemond wel om de patiënt of zorgvrager zelf bij dit proces te betrekken. “We kunnen het hier op de universiteit nog zo mooi bedenken, maar dat betekent niet dat mensen om wie het gaat er ook op zitten te wachten. Dat moeten we nooit uit het oog verliezen.”