Griepvaccinatie voorkomt griepvirusinfecties maar heeft geen invloed op het totale aantal mensen met griepachtige verschijnselen. Dat is de conclusie van een onderzoek dat het RIVM, in samenwerking met het Spaarne Gasthuis en het Streeklab Kennermerland uitvoerde. Het onderzoek was gericht op griepachtige verschijnselen onder gezonde thuiswonende mensen van 60 jaar en ouder.

Griep in cijfers (2011-2013)

Het onderzoek is uitgevoerd in twee griepseizoenen tussen 2011 en 2013. Respectievelijk 2100 en 2500 deelnemers werden onderzocht. Van de mensen met griepachtige verschijnselen (6.9 en 10.3% van totale groep in de opvolgende seizoenen) had 18.9% (in een mild griepseizoen) tot 34.2% (in een langdurig griepseizoen) daadwerkelijk een infectie met griepvirus. De overige 60 tot 80% van werd veroorzaakt door andere ziekteverwekkers. Dit is niet te voorkomen met een griepprik. Griepvaccinatie bleek griepvirusinfecties in deze groep met 51 tot 73% te verminderen. Dit hing weliswaar af van het seizoen. De onderzoeksresultaten zijn deze week gepubliceerd in The Journal of Infectious Diseases.

Griepprik blijft belangrijk

In Nederland krijgen jaarlijks ongeveer 1.7 miljoen mensen last van griepachtige verschijnselen. De griepprik beschermt alleen tegen het griepvirus. Dit geldt niet voor de andere virussen die deze griepachtige verschijnselen of verkoudheden veroorzaken. Desondanks blijft het voor mensen met specifieke medische aandoeningen en voor mensen van 60 jaar en ouder belangrijk om de griepprik te halen. Het griepvirus vergroot bij hen de kans op ernstige gezondheidsproblemen, en de kans op verergering van een al aanwezige aandoening zoals een long- of hartaandoening. Van de andere ziekteverwekkers die griepachtige verschijnselen veroorzaken weten we dit niet. Hier wordt verder onderzoek naar gedaan. Het blijft daarom voor kwetsbare doelgroepen belangrijk om de jaarlijkse griepprik te halen. Hiermee beschermen ze zich tegen de gevolgen van griep.

Voorbeelden van griepachtige verschijnselen

  • heftige spierpijn
  • koude rillingen
  • hoofdpijn
  • hoge koorts
  • keelpijn
  • droge hoest

Bron: RIVM