Hoogleraar neurologische bewegingsstoornissen Bas Bloem (Radboud universitair medisch centrum) en zijn collega-hoogleraar neurologie Teus van Laar (Universitair Medisch Centrum Groningen) zijn fanatiek pleitbezorgers van integrale netwerkzorg rondom Parkinsonpatiënten. Niet alleen zorgt het volgens hen voor een betere kwaliteit van leven voor de patiënt, maar ook voor aanzienlijke kostenbesparingen.

Gespecialiseerd netwerk

De laatste jaren hebben zij en vele andere bevlogen betrokkenen hard gewerkt om integrale Parkinsonzorg vorm te geven. Parkinson kent een enorm variabel ziektebeeld, waarbij een patiënt met veel zorgdisciplines te maken kan krijgen, weet Van Laar. Deze werken lang niet altijd even goed samen. Daardoor gebeuren dingen soms dubbel of juist niet. “Dat is niet effectief en niet efficiënt,” vindt van Laar. Om dit te verbeteren is ParkinsonNet opgezet, een landelijk zorgnetwerk met betrokken hulpverleners die gespecialiseerd zijn in Parkinsonzorg. Niet alleen delen zij op regionaal niveau hun expertise, ook stemmen zij zaken rond de patiënt af voor optimale zorg.

De juiste behandelplek

Bloem stelt dat ook veel winst te behalen valt door de juiste mensen de juiste dingen te laten doen. Hij ervaart dat neurologen vaak patiënten zien die problemen hebben met issues als eenzaamheid, werkverlies of seksualiteit. Zaken waarvoor ze ook uitstekend terecht zouden kunnen bij een Parkinsonverpleegkundige, vindt Bloem. “Het is veel efficiënter om dure, hoogopgeleide neurologen vooral in te zetten voor complexe diagnostiek en geavanceerde behandelingen.” In het verlengde daarvan blijkt het vaak aanmerkelijk gunstiger om Parkinsonpatiënten die vastlopen tijdelijk op te nemen in een gespecialiseerde verpleeghuissetting dan in een ziekenhuis. In deze minder prikkelrijke omgeving kunnen zij tot rust komen, goed worden ingesteld qua medicatie en worden behandeld – met uitzondering van operaties die in het ziekenhuis moeten plaatsvinden. Van Laar meldt dat de beddenprijs van een verpleeghuis is de helft is van die van een ziekenhuis, waarbij de kwaliteit minstens even goed is. De ervaring leert bovendien dat patiënten door zo’n intensieve kortdurende opname tussen de twee en vijf jaar langer thuis kunnen wonen, voordat ze definitief in het verpleeghuis moeten worden opgenomen. “Prettiger voor de patiënt, maar ook voor de zorgkosten”, concludeert Van Laar. “Zodra iemand van thuiszorg naar verpleeghuiszorg overgaat, stijgen die van ongeveer 9.000 naar 90.000 euro per jaar.”

Tegenstrijdige belangen

De integrale netwerkzorg zoals Bloem en Van Laar die voorstaan, kent dus veel voordelen. Toch blijkt het een enorme uitdaging om de Parkinsonzorg op deze manier te organiseren, vanwege de financiering binnen het huidige zorgsysteem. “Dat systeem is zieker dan de patiënten zelf”, vindt Bloem. Het streven is om mensen minder naar het ziekenhuis te laten komen en dat zorgverleners betaald worden voor de goede resultaten bij de patiënt. Terwijl ziekenhuizen er voor hun financiering juist belang bij hebben zoveel mogelijk handelingen te verrichten, omdat ze daarop worden afgerekend. De schotten in de financiering staan integrale zorg dus in de weg. Toch vertelt Van Laar dat een grote zorgverzekeraar in het noorden de intentie heeft om drie jaar lang innovatiegeld te investeren, zodat alle betrokken Parkinsonzorgpartners kunnen aantonen dat hun aanpak werkt. Waarna Bloem en Van Laar hopen dat ook de zorg rond andere chronische ziekten op deze manier zal worden georganiseerd.