Denise Stoopen (30) wordt gezien als een leuke, positieve meid. Ze heeft haar eigen ontwerpstudio, goede vriendinnen en een leuke vriend. Niets vreemds aan, zou je denken. Toch is er één ding anders aan haar. Ze heeft achondroplasie, of wel dwerggroei.

Krukjes als opstapje

Volgens Denise was haar kindertijd niet anders dan gebruikelijk. “Mijn ouders hebben me met alles laten meedoen en ik werd net zo behandeld als de andere kinderen”, vertelt ze. “Ook ging ik naar een gewone basisschool en had vriendjes en vriendinnetjes. Het enige verschil was dat ik een speciaal zitje nodig had en krukjes om overal bij te komen. En wanneer we bij de gymles in volgorde van groot naar klein moesten staan, hoefde ik me nooit aan iemand te meten. Ik wist immers waar ik stond.”

De jonge meid ervaarde dan ook nooit problemen met haar lengte. Tot ze in de puberteit kwam. “Ik had een leuke tijd op de middelbare school”, vertelt Denise. “Maar vriendjes of relaties waren bij mij nooit aan de orde. Ik heb me toen wel afgevraagd of het aan mijn lengte lag. Maar echt depressief heb ik me hierom nooit gevoeld. En gelukkig maar, want op mijn 22e is het helemaal goed gekomen. Mannen gaven me toen wel aandacht.”

Ontwerpen voor kleine mensen

Na de middelbare school besloot ze naar de ontwerpschool te gaan. Denise: “Ik was altijd al bezig met mijn uiterlijk en wilde er graag goed uitzien ondanks mijn lengte. Mijn moeder is creatief en maakte mijn kleding altijd korter. Het leek me leuk om hier iets mee te doen.”

Geleidelijk aan ontwikkelde ze het idee zich op kleine mensen te gaan richten. “Aanvankelijk was dit niet mijn bedoeling”, geeft ze toe. “Ik zag mezelf ook niet als klein. Voor iemand met dwerggroei ben ik relatief lang, 1,29 cm. En wanneer ik een klein persoon op straat zag lopen, dacht ik ook: goh, die is klein. Pas erna realiseerde ik me dan dat ik dit ook was. Uiteindelijk kwam ik in mijn laatste schooljaar op het plan iets voor mezelf te ontwerpen.”

Hoewel het eigenlijk een tactiek was, bleef ze zich erin verdiepen. Denise: “Ik dacht dat ik er mijn eindopdracht mee zou kunnen halen, omdat de lerares weinig vergelijkingsmateriaal had. Maar erna bleef ik ermee bezig en leek het me leuk er daadwerkelijk iets mee te doen.”

Eigen studio

En zo geschiedde. Denise: “Na mijn afstuderen wilde ik mijn eigen bedrijf opstarten. De Bart de Graaff Foundation hielp me hierbij. Ik had een tas ontworpen die ik op de markt wilde brengen en wilde daarnaast andere producten ontwerpen als accessoires en schoenen. Ook was mijn wens om hakken te ontwerpen in maat 32, want die waren er nog niet.”

Inmiddels heeft ze haar eigen ontwerpstudio. “Maar helaas kan ik hier nog niet van leven”, vertelt Denise. “Ik werk momenteel bij De Efteling en slechts twee dagen voor mijn eigen bedrijf. Ik ga dan weleens bij winkels langs om de tas te promoten.”

Lekker in je vel

Haar beperking heeft haar nooit in de weg gezeten. “Natuurlijk heb ik weleens momenten dat ik wenste dat ik langer was”, aldus Denise. “Maar ik denk dat iedereen dat weleens heeft, zoals mensen met krullend haar graag steil haar zouden willen hebben.”

“Daarbij denk ik dat wanneer je goed in je vel zit, je dit ook uitstraalt”, vervolgt ze. “Dan is er ook een grote kans dat het goedkomt met zaken als liefde en werk. Op straat kijken mensen me weleens na of vragen kinderen me of ik wel goed heb gegeten. Maar hier moet ik alleen maar om lachen.”

En hoe ze de toekomst ziet? Denise: “Het lijkt me fantastisch om te leven van mijn eigen ontwerpstudio, maar ook de televisiewereld spreekt me aan. Momenteel werk ik af en toe als verslaggever op een YouTube-platform en het lijkt me leuk hier iets mee te doen. Zolang ik maar creatief bezig kan zijn, ben ik gelukkig!”