In Nederland staat een verborgen leger paraat van mantelzorgers en vrijwillige zorgverleners. Een aanzienlijk deel daarvan zorgt voor dementerenden, mensen met een psychiatrische ziekte of mensen met niet aangeboren hersenletsel. Juist de mantelzorgers voor deze groep hebben het extra zwaar.

Veeleisende zorg

Langdurige gezondheidszorg is ondenkbaar zonder deze grote groep ondersteuners. Door mantelzorg en vrijwillige zorg kunnen chronische patiënten vaak jaren langer thuis wonen en dat ontlast de zorg én de patiënt. Mantelzorg komt onvrijwillig op je pad. Als je partner of je ouder een beroerte krijgt, gaat dementeren of een chronische psychiatrische aandoening heeft, dan krijg je als mantelzorger het verlies te verwerken dat je leven niet meer wordt zoals het was. Daar bovenop krijg je meestal ook te maken met een gedragsverandering bij je naaste. En als klap op de vuurpijl kalft ook nog vaak je sociale netwerk af omdat omstanders er niet mee kunnen omgaan. Dit alles zorgt ervoor dat het rouwproces nog rauwer wordt dan het al was.

Hulp voor de mantelzorgers zelf

Ondersteuning van mantelzorgers is dan ook van cruciaal belang. Daar gebeurt al van alles aan door Steunpunten Mantelzorg (een lijst met lidorganisaties is te vinden via Mezzo). De formele gezondheidszorg zegt geregeld: ‘Wij zijn er voor de patiënt; niet voor de mantelzorger’. Maar je bent er óók voor de patiënt als je ervoor zorgt dat de gezondheid van de patiënt intact blijft. Desondanks zijn er volgens cijfers in Nederland zo’n 450.000 overbelaste mantelzorgers. Dat uit zich in depressieve klachten, ziektes, arbeidsuitval. En in het stagneren van de mantelzorg, met alle gevolgen van dien. Om dit te voorkomen, moet de mantelzorger direct in beeld komen, zodra wordt vastgesteld dat iemand langdurige zorg nodig gaat krijgen, om te wijzen op de mogelijkheden van ondersteuning. Zo kan de kwaliteit van langdurige zorg verbeterd worden.

Verbetering van langdurige zorg

Professionals in de langdurige zorg worden vanuit kennis- en innovatiecentra ondersteund, ook om meer eigen verantwoordelijkheid te (gaan) dragen in hun werk. Om het risico van vallen te verminderen worden onrustige patiënten vaak bij protocol aan hun bed vastgebonden. Veel professionals volgen dit protocol min of meer blindelings, maar krijgen in de praktijk meer en meer de ruimte om zelf met familie en naasten in gesprek te gaan om de risico’s te bespreken en zo een alternatief te bieden.

Ook op deze manier wordt de kwaliteit van langdurige zorg verbeterd. De professionals moeten ook weten en leren dat ze die verantwoordelijkheid hebben en kunnen nemen. De kwaliteit van de opleidingen en het niveau daarvan is de laatste jaren sterk verbeterd, maar is er vaak nog wel op gericht om meer handen aan het bed te krijgen. Uiteraard moet wel duidelijk zijn wat het juiste professionele handelen is en de professionals moeten in hun vak de verantwoordelijkheid ook kunnen en willen dragen. Communicatie met experts enerzijds en familie anderzijds is daarbij belangrijk. Gesprekken met familie en mantelzorgers kunnen duidelijk maken welke problemen er spelen en een professional kan vanuit zijn of haar professie een oplossing bieden die de langdurige zorg kwalitatief verder kan verbeteren.