Vic (73) kreeg 8 jaar geleden de diagnose COPD. Inmiddels heeft hij een duidelijk stramien: een gezonde levensstijl en zo veel mogelijk beweging bevorderen zijn situatie.

Wat waren je eerste klachten?

“Mijn vrouw zei me dat ze ’s nachts wakker werd van mijn piepende krakende ademhaling. Op 16 november 2005 hoorde ik Prof dr. Janssens in een radio-uitzending praten over die symptomen. Voor mij het sein om meteen te stoppen met roken. Mijn laatste sigaret was op die avond omstreeks 21.45u.”

Wanneer kreeg je de diagnose?

“Na drie maanden ging ik voor onderzoek naar de huisarts, ik merkte dat ik me sneller moe voelde. De diagnose die ik toen kreeg was bronchitis. Nog eens drie maanden later werd de diagnose: chronische bronchitis. Nadien volgde een longonderzoek in de plaatselijke kliniek. Nog steeds geen sprake van COPD, ondanks dat mijn klachten verergerden. Langzaam aan begon ik meer te hoesten en kwam er ook geregeld slijm mee. Ook werd de kortademigheid erger. Pas in de loop van april 2008, na op consultatie te zijn geweest bij het UZ Leuven, werd mij de diagnose COPD gemeld. Dus na ongeveer tweeëneenhalf jaar kende ik de diagnose.”

Wat is de impact van COPD op je dagelijks leven?

“Het heeft zeker een impact op mijn dagelijks leven. Ik wandel en fiets nog zeer regelmatig, maar het gaat minder snel. Wandelen doe ik bijna dagelijks, in sessies van een half uur tot een uur. Ik volg nog tweemaal per week dansles, maar na een snelle dans moet ik wel even op adem komen. Ik heb eigenlijk het meest last van de kortademigheid. Het hoesten en het opbrengen van slijm is eerder een ochtendellende. Ik raak vermoeid na het nemen van een douche en tijdens het aankleden. Mijn voeten zwellen op en na een wandeling tintelen mijn onderbenen. Korte inspanningen worden steeds moeilijker. Je trapt bij wijze van spreken sneller op je adem.”

Hoe komt het dat je COPD hebt?

“Hoogstwaarschijnlijk is het een gevolg van 42 jaar roken, ik ben altijd een gezelligheidsroker geweest. Misschien is het ook een tikkeltje genetisch bepaald, mijn vader hoestte de laatste jaren van zijn leven ook zeer veel. Ik ben momenteel onder behandeling in het ziekenhuis maar ik denk niet dat COPD minder kan worden. Waar ik wel van overtuigd ben, is dat een gezonde levenshouding en beweging je een heel eind verder helpen.”

Waar vind je steun?

“Steun vind ik bij mijn familie, in mijn vriendenkring en mijn sociale omgeving. Ik ben vrij optimistisch ingesteld en ik voel me, met alles in acht genomen, nog vrij goed. De mindere momenten tracht ik zo snel mogelijk te vergeten.”

Wat wil je meegeven aan andere mensen met COPD?

“Ik wil graag meegeven dat je nooit moet opgeven en je het beste een positieve houding kunt aannemen. Daarnaast helpen: een gezonde levenswijze en zo veel mogelijk beweging. Zeker voor mijn leeftijd geldt: rust roest. Mij heeft het ook erg geholpen om de medicatie, die mij is aangeboden, te gebruiken en de raad van mijn arts op te volgen.”

Voetnoot van Prof. dr. Wim Janssens (pneumoloog bij UZ Leuven)
  • Hoe kan een snelle diagnose gesteld worden?
    De diagnose gebeurt aan de hand van een spirometrie- longfunctietest die we uitvoeren bij het klinisch vermoeden van COPD (risico en symptomen). De risico’s zijn hierbij: roken, beroepsexpositie (stoffige beroepsomgeving) en erfelijkheid Symptomen zijn kortademigheid, fluimen en hoest.
  • Wat is een juiste behandeling van COPD?
    De behandeling bestaat uit rookstop, opvoeren of maximaliseren van fysieke activiteit en inhalatietherapie (puffers). Daarnaast vaccinaties. Ze genezen de ziekte echter niet. Zuurstoftherapie wordt enkel bij ernstige vormen ingezet.
  • Wat is de juiste levensstijl voor mensen met COPD?
    Naast rookstop, onderhouden van fysieke activiteit en eventueel een trainingsprogramma. Ook gezonde voeding is belangrijk met aandacht voor overgewicht. Obesitas kan worden bestreden met dieetmaatregelen en bij ernstig gewichtsverlies: proteïne en calorierijke voeding.
  • Waar richt u zich op in uw onderzoek?
    Ons onderzoek richt zich op risicofactoren die naast roken aanleiding geven op COPD. Tevens richten wij ons op de rol van inspanningstraining in de verbetering van inspanningsvermogen, levenskwaliteit en fysieke activiteit bij patiënten met ernstig COPD. Ook zijn we bezig met medicamenteuze interventies die exacerbaties (infectieuze opstoten) kunnen voorkomen en worden de mechanismen bij het ontstaan van COPD in meer detail onderzocht.