Ongeveer 41 procent van de mensen heeft matige tot ernstige pijnklachten op de eerste dag na een operatie. Dat kan anders, dacht Rianne van Boekel. Voor haar promotieonderzoek besloot ze op zoek te gaan naar manieren om de postoperatieve pijnzorg in Nederland te verbeteren. Met een grootschalig verbeterprogramma tot gevolg.

Geen pijn, wel hoge score

Tijdens haar werk als pijnconsulent heeft Van Boekel geregeld te maken met patiënten die postoperatieve pijn ervaren. “Ik begon me af te vragen hoe dit kon”, vertelt ze. “We hebben immers toch een goed protocol? Ook viel het me op dat er veel mensen zijn die een hoge pijncore aangeven, maar toch goed functioneren en de pijn acceptabel vinden. Ik besloot dan ook de literatuur in te duiken.”

Acute pijnzorg, pijnzorg en pijnscores

Voor haar promotieonderzoek richtte Van Boekel zich op de acute pijnzorg, gedane pijnmetingen en pijnscores. Ook bekeek ze de relatie tussen pijn en complicaties. “Ik hield een digitale enquête en stuurde deze naar alle Nederlandse ziekenhuizen”, aldus de pijnconsulent. “Daarnaast heb ik een grote hoeveelheid patiëntengegevens geanalyseerd en een eigen studie opgezet. Hierbij vroeg ik patiënten om zowel voor als na hun operatie een vragenlijst in te vullen.”

Pijnbehandeling noodzakelijk

Uiteindelijk ontdekte de onderzoekster dat 90 procent van de ziekenhuizen een acute pijnservice heeft. Van Boekel: “De wijze waarop deze werd ingevuld, bleek echter te verschillen. Onder de taken van de acute pijnservice valt de patiënt-gerelateerde zorg, zoals het contact met patiënten. Maar ook de niet-patiënt-gerelateerde zorg, zoals pijneducatie voor medewerkers.”

Daarnaast bleek pijndiagnostiek door middel van enkel pijnscores geen juiste methode te zijn. “Het zegt niet veel over de daadwerkelijke klachten die worden ervaren”, legt de onderzoekster uit. “In Nederland denken mensen al snel dat ze zich aanstellen en dat pijn er nou eenmaal bij hoort. Een reden dat zij ondanks hun klachten toch een lage score rapporteren. Het is dan ook veel beter om met hen in gesprek te gaan.”

Ten slotte werd de noodzaak van een goede pijnbehandeling duidelijk. Van Boekel: “Er bleek een verband te zijn tussen pijn op de eerste dag na een operatie en ontstane complicaties, zoals infecties. Iets dat door experts vaak wordt onderschat. Zij denken dat deze complicaties de pijn veroorzaken, hoewel andersom ook het geval kan zijn. Of zorgprofessionals zien andere zaken, zoals een spoedig ontslag, als prioriteit. Ik pleit dan ook voor meer scholing om kennis over de noodzaak van pijnbehandeling te vergroten.”

Grootschalig verbeterprogramma

Uiteindelijk ontwikkelde ze een grootschalig verbeterprogramma, met als doel een handvat voor alle Nederlandse ziekenhuizen aan te reiken. En met succes. “Er zijn al een aantal ziekenhuizen die positief hebben gereageerd op mijn plannen”, aldus Van Boekel. “Ook zijn er veel mensen die mijn proefschrift hebben aangevraagd. Het is nu hopen dat er daadwerkelijk iets mee gedaan wordt en er meer instanties zullen volgen. Er is veel verbeterpotentieel, hoewel de vraag blijft hoeveel prioriteit hieraan gegeven wordt. Maar als het aan mij ligt, veel!”

Rianne van Boekel zal haar proefschrift op 14 december verdedigen in de Radboud Universiteit Nijmegen.