In navolging van de ouderenzorg is er ook in ziekenhuizen steeds meer aandacht voor een positieve benadering van gezondheid. Bij gezondheid, herstel en omgaan met ziekte gaat het om veel meer dan alleen de medische kant, aldus Machteld Huber, arts-onderzoeker en oprichter van het Institute for Positive Health.

Ter ondersteuning van deze gedachte introduceerde Huber een nieuwe definitie van gezondheid: ‘gezondheid als het vermogen om je aan te passen en je eigen regie te voeren, in het licht van de sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven’. Waar gezondheid in de standaarddefinitie van de World Health Organization (WHO) wordt opgevat als een toestand van compleet welbevinden, kiest Huber voor een andere interpretatie. In haar definitie draait het veel meer om de vraag of mensen kunnen (leren) omgaan met wat het leven brengt, zodanig dat ze zich daar goed bij voelen en het idee hebben dat ze zelf de regie in handen hebben.

Positieve Gezondheid

Huber werkte haar definitie verder uit tot het concept Positieve Gezondheid. Deze benadering gaat uit van wat iemand wél kan in plaats van wat iemand niet kan. Centraal staat wat iemand belangrijk vindt in het leven en wat hij of zij mogelijk wil veranderen. Mensen kunnen dat bepalen aan de hand van de zes dimensies van Positieve Gezondheid, die elkaar onderling beïnvloeden: lichaamsfuncties, mentaal welbevinden, de spiritueel-existentiële dimensie, kwaliteit van leven, sociaal-maatschappelijk participeren en dagelijks functioneren. “Op het moment dat mensen gaan nadenken over wat voor hen belangrijk is en wat ze op dat terrein eventueel nog missen, neemt een ziekte niet de belangrijkste plek in en is die makkelijker te dragen”, legt Huber uit.

Omzetten naar praktijk

Steeds meer ziekenhuizen tonen interesse in deze positieve denkwijze. Zij merken dat het hun patiënten helpt hun ziekte op een andere manier te benaderen. “Sommige mensen zijn gewend om heel erg te focussen op hun pijn en klachten, terwijl ze met een positieve benadering ook kijken naar aspecten in andere dimensies waaraan ze wel iets kunnen veranderen”, vertelt Maaike Mol, Programmaleider Eigen regie bij Stichting Zorgbelang Brabant. Wel vinden ziekenhuizen het nog lastig om deze positieve benadering van gezondheid op de werkvloer en in de relatie tussen zorgverlener en patiënt tot uiting te laten komen, merkt ze. Deze gedachtegang gaat namelijk uit van een wezenlijk andere benadering. Het gaat niet om methodieken, lijstjes of protocollen, waardoor het idee lastig te vertalen is naar de praktijk. Toch is dat volgens Mol wel degelijk mogelijk, als ziekenhuizen samen met patiënten optrekken om te bekijken hoe ze het kunnen omzetten in praktische toepassingen.

Grote publiek

Dat het langer heeft geduurd voordat deze benadering door ziekenhuizen werd omarmd, is volgens Huber niet meer dan logisch. Het concept is namelijk niet bedoeld voor acute situaties, legt ze uit. In een ziekenhuis moet vaak snel gehandeld worden. Op het moment dat situaties langduriger zijn en er sprake is van chronische ziekten, is het veel vanzelfsprekender om aandacht voor de behoeften van mensen te hebben. Dat kan echter ook in ziekenhuizen, denkt Huber. “Als zorgverleners in ziekenhuizen aandacht hebben voor wie de mens tegenover hen is, kan dat bijvoorbeeld de keuze voor een bepaalde therapie beïnvloeden.”

Mol hoopt dat deze positieve benadering zich vanuit de gezondheidszorg zal uitbreiden naar het grote publiek. Mensen hoeven namelijk niet per se ziek te zijn om ermee bezig te zijn in hun leven, benadrukt ze. “Het idee is gestart vanuit de gezondheidszorg, maar het zou heel mooi zijn als dit gedachtegoed de mensen thuis bereikt, zodat ze er zelf mee aan de slag gaan in hun dagelijks leven.”